Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Ik ben maar een Murk, dus wat moet ik?
Ik ben in de wereld gepleurd.
Had iemand verstandig besloten,
dan was dat beslist niet gebeurd.

Een Murk van een onbekend merk,
mufneuzig en brunzig van poten,
zoiets had mijn ma niet besteld.

Laat staan mijn pa:
hij lag in een deuk, maar niet heus
en wou me het liefste verloten.

Maar dat vond mijn ma toch te erg.
Dus sloot ze me op in een koekblik
en fietste daarmee naar het park
en knoopte mijn staart aan een berk.

Oote oote oote boe,
waar moest het met mij naartoe?
Ik klampte me vast aan haar jurk –
een Murk is nou eenmaal geen held.

Maar ach, mijn ma!
Ze scheurde zich los met geweld
en ging toen gewoon naar haar werk.

Hier hurk ik nu, zwaar in de kroten.
Ik knaag wat op boomschors en noten
en wacht tot de Gurkbork me wurgt.

Net heb ik mijn neus weer gestoten
dus ja, ik besta nog, vermoed ik.
’s Nachts zeur ik heel zacht: Oote oote.
Wat wil je? Ik ben maar een Murk.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Violossimo



Het meisje is een jaar of zes 
en speelt heel leuk viool.
Ze gaat nu al een poos op les,
beheerst knap de triool.

Haar vader groots van ijdelheid, 
daarbij gefortuneerd,
ziet wond’ren in de kleine meid.
Zij wordt geadoreerd.

Dus geeft hij haar op heur verjaar
een prachtig instrument.
Een eeuwen oude Stradivaar.
Hij kijkt niet op een cent.

Zijn dochter blijkt niet bijster blij
met dat wat pa haar gaf: 
~Zo’n tweedehands is niets voor mij,
kon er geen nieuwe af?~