Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Ik ben maar een Murk, dus wat moet ik?
Ik ben in de wereld gepleurd.
Had iemand verstandig besloten,
dan was dat beslist niet gebeurd.

Een Murk van een onbekend merk,
mufneuzig en brunzig van poten,
zoiets had mijn ma niet besteld.

Laat staan mijn pa:
hij lag in een deuk, maar niet heus
en wou me het liefste verloten.

Maar dat vond mijn ma toch te erg.
Dus sloot ze me op in een koekblik
en fietste daarmee naar het park
en knoopte mijn staart aan een berk.

Oote oote oote boe,
waar moest het met mij naartoe?
Ik klampte me vast aan haar jurk –
een Murk is nou eenmaal geen held.

Maar ach, mijn ma!
Ze scheurde zich los met geweld
en ging toen gewoon naar haar werk.

Hier hurk ik nu, zwaar in de kroten.
Ik knaag wat op boomschors en noten
en wacht tot de Gurkbork me wurgt.

Net heb ik mijn neus weer gestoten
dus ja, ik besta nog, vermoed ik.
’s Nachts zeur ik heel zacht: Oote oote.
Wat wil je? Ik ben maar een Murk.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Dat hebben we ook weer gehad



Maandag 19-1-2015

Blue Monday, ‘k voel de tranen in mijn ogen;
mijn hartenklop is verre van Majeur,
wat ik me voornam is tot niets vervlogen
al hangt er nog een oliebollengeur.

De zon te zien blijft bij een ijdel pogen,
de dagen zijn te kort en zonder kleur.
Blue Monday, ‘k voel de tranen in mijn ogen;
mijn hartenklop is danig in mineur.

‘k Verzuip welhaast in eigen mededogen,
gevangen in een droeve matte sleur.
Blue Monday, ‘k voel de tranen in mijn ogen;
mijn hartenklop is verre van Majeur.

Nu ben ik ‘s maandags zelden opgetogen
jawel dat geef ik hier volmondig toe,
maar deze maandag staat in fis mineur
Blue Monday, lieve god wat ben ik blue.

Koop koop koop