Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



‘Wat zou het’, zei de Sloddervis,
‘dat ik geen slimmerd ben?
Ik weet wat slijk, wat modder is
en verder niks. Nou en?

Die evolutie, leuk idee
maar waar moet het naartoe?
Nee dank je wel, ik doe niet mee,
voor mij niet dat gedoe.

Waar alles mee begonnen is:
een slijmig klontje beest –
veel slomer dan een Sloddervis
kan dat nooit zijn geweest.

Ik hoef geen vleugels, klauwen,
geen slurf, gewei of bult.
Ik voel niks voor miauwen
en ben geen tiep dat brult.

Ik denk dat ik mijn modder mis
als paard of papegaai.
Dus blijf ik lekker Sloddervis,
oersimpel en oersaai.

Sterf ik straks uit? Mij best, oké.
Dan word ik nooit reptiel
of eekhoorn, vos of chimpansee.
Dan word ik dus fossiel.

Zo’n wereld-na-de-Sloddervis
is eenmaal ook voorbij.
Gaat die naar de verdommenis,
dan mooi wel zonder mij.

De oerstaat is mijn element,
mijn lat ligt niet zo hoog.
Word jij maar stinkdier of serpent
of paleontoloog.’
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Zestig




nu hij daar met dat smalle smoeltje ligt
vergeet ik haast dat dom en wreed gezicht
die handen ooit zo hard gebald tot vuisten
zijn zonder kracht en week als babyknuisten

een leven vol van drank en veel tabak
om moeder zwijg ik verder, vuile zak
dat straft hem nu met ademnood en pijn
gevoel van wraak zou daarom zinloos zijn

ook hij heeft recht op zorg, die geef ik hem
zo kom ik elke dag en breng de krant
ik neem vanuit mijn werk direct de tram

vandaag een extra gift, 't is hem gegund
omdat hij zestig wordt, een peuk en drank
hier, pa, weet dat je er in stikken kunt

Koop koop koop