Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Ach, waren alle mensen wijs,
Met een kunstminnend hart,
Dan won K. Bruning elke prijs
En had de dood getart.

Het mensdom was er niet aan toe.
Zij won die prijzen niet
En K., het zinloos wachten moe,
Verkwijnde van verdriet.

Wij staan beteuterd rond haar zerk.
Wij leerden onze les.
Nu prijzen wij in koor het werk
Van deze dichteres.

Zodra K.B. dat hoorde, rees
Zij sierlijk uit de grond.
Zij droeg, hetgeen op voorzorg wees,
Een jurk die haar goed stond.

‘Ik draag u voor’, zo kweelde zij,
‘Mijn levensloop op rijm’.
Het dichtersvolk, niet gans drankvrij,
Viel als een blok in zwijm.

K. Bruning was als foetus steeds
Gevat en welbespraakt.
Menig sonnet heeft zij alreeds
Als zuigeling gemaakt.

Zo rijmt K. Bruning almaar voort
En menig wandelaar
Die hare woorden heeft gehoord
Wordt haar bewonderaar.

’t Gevederd volk zit aan zijn tak
Gekluisterd en hoort toe.
Ja, menig vogelhartje brak
Van vogelpa of –moe.

WORDT VERVOLGD

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Kort antwoord



Pijnlijke ingreep? Ja
Maar wel noodzakelijk
Steeds die eenzelvigheid...
Nu kan ik méér

Want ik ben fijn niet meer
Dubbelgeslachtelijk
En sta nu open
Voor iedere heer

Koop koop koop