Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



De hand van de dief van het blik
Je wist: deze man is een vechter
Zijn vuisten gehard in de lik
Vooral zijn verwoestende rechter

De dief had het blik in zijn hand
Hij was een betonijzervlechter
Voortaan was hij rijk (zelfs puissant)
Prompt liep hij parmantig en rechter

Een blik op de hand van de dief
Klaarblijkelijk ging het hem slechter
Hij trilde en oogde passief
Geboeid in de zaal bij de rechter

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Epifanie

 

De opmaat van het verse jaar bespant
de grond met flinterdun wit vilt. De lucht
kneedt winterharde wolken, dicht beplant.
Een toverhazelaar pakt uit. Berucht

bericht van kale klauwen waar als vaan
een gele sjerp in hangt. Zo schel als goud
van ver. Van dichtbij zie je sterren staan,
van bloemblad, licht gekruld. Het hout blijft koud.

Kijk daar: drie spreeuwen hebben opgelet,
hun wijze kelen lachen om het fel
geluk dat plaatselijk is ingezet.

Een rijk begin op arm hout. Goed en wel
kwartier gemaakt, bewonderd, dan ontzet:
door wind van stam gejaagd – op hoog bevel.

 

 

 

Koop koop koop