Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Met zwoele lach en dito blik
Komt zij het bierhuis binnentreden.
Ze gaat zo schaars gekleed, dat ik
Met één oog slechts haar uit kan kleden.

Parmantig hangt ze aan de toog
En, al begint haar haar te grijzen,
Nog trekt zij een wellustig oog;
Je ziet de heren naar haar wijzen.

Nee, aandacht komt zij nooit te kort;
De mannen hangen aan haar lippen.
Zij zouden graag het glaasje port
Zijn waar ze soms van staat te nippen.

Maar altijd, stipt om kwart voor een,
Als `t volk steeds zatter wordt en woester,
Zwaait zij gedag en vliedt zij heen
Als een gehaaste assepoester.

En thuisgekomen trekt zij dan
Haar jas uit en haar restje kleren
En kruipt het bed in naast de man
Die haar niet kan (of wil) begeren.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Cursus Japanse filosofie. Les 4

Nichiren (1222-1282)

 

 

Vreedzaam? Me reet!

 

Wat nou! Natuurlijk ben ik een boeddhist!

Die ándere boeddhisten deugen niet

Die zou ik als ik kon het liefst verbieden!

 

Ons mooie vaderlandse grondgebied

Wordt door die landverraderlijke lieden

Geteisterd door de goden en gestraft

 

Opdat zoiets niet nóg eens zal geschieden

Wordt u door mij zo woedend afgeblaft:

De schande van Japan dient uitgewist!

 

Dus roept u nu godvruchtig als één man:

'Heil aan de Leider! Heil aan Groot-Japan!'

 

 

Strijdlustige, felle monnik die alle andere stromingen ketterij vond, die verboden moesten worden.

Natuurrampen en Mongolendreigingen wezen op de verlating van het ware pad. Heeft nu nog invloed door zijn nationalisme al was hij in zijn tijd niet succesvol en werd hij een paar keer verbannen.

Verlichting werd verkregen door het reciteren van de heilige formule  'Namu Myōhōrengekyō': 'Geloofd zij de Lotus van de Ware Wet', zelfs gestotterd of onderbroken.

 (Ik hoop dat ik geen tikfout gemaakt heb want ik wil niemand het heil ontzeggen, maar misschien werkt het zelfs dan nog wel).


Koop koop koop