Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent





De blaadjes zijn nog altijd aardig groen
en lijken niet te denken aan vergelen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

De bloesem werd een peer of een citroen.
De rijpe kersen glanzen aan hun stelen.
De blaadjes zijn nog altijd aardig groen.

Je ziet het laatste jonge waterhoen
met uitgebloeide waterlelies spelen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Nog één keer vrijen in het stadsplantsoen,
nog één keer onbespied elkander strelen:
de blaadjes zijn nog altijd aardig groen.

Nog gauw het strand op zonder wandelschoen,
voordat de kust de winterstorm moet velen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Het loopt tegen het eind van het seizoen;
dat kan de laatste warmte niet verhelen.
De blaadjes zijn nog altijd aardig groen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

De tuinman & de dood



De borders bloeien geurig. Ik ga stuk,
laat haren los en schilfer brokken cellen;
mijn kraaienpoten zijn niet meer te tellen,
verwilderend als slaapkamergeluk.

Natuurlijk kan de tuinman dat herstellen,
maar als ik zevenblad de grond uit ruk
Voel ik de lichte steken als ik buk
de voortgang van verval ook al voorspellen.

Twee planten zijn te kruisen met elkaar,
zo expliceerde men de wet van Mendel,
aldus ontstaat een sterker exemplaar...

De dood huist in mijn handen. Wat een zwendel—
alsof er somtijds, lukraak hier en daar
gewied wordt: straatgras samen met lavendel.

Koop koop koop