Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft





De blaadjes zijn nog altijd aardig groen
en lijken niet te denken aan vergelen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

De bloesem werd een peer of een citroen.
De rijpe kersen glanzen aan hun stelen.
De blaadjes zijn nog altijd aardig groen.

Je ziet het laatste jonge waterhoen
met uitgebloeide waterlelies spelen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Nog één keer vrijen in het stadsplantsoen,
nog één keer onbespied elkander strelen:
de blaadjes zijn nog altijd aardig groen.

Nog gauw het strand op zonder wandelschoen,
voordat de kust de winterstorm moet velen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Het loopt tegen het eind van het seizoen;
dat kan de laatste warmte niet verhelen.
De blaadjes zijn nog altijd aardig groen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

De winkelstraat



Frituur is voor de ledigen een zegen.
Kijk rond: wat schept frituur toch in dit land?
Een zak patat, zo'n vlezig Lady Kant,
En sneue kindertjes die te veel wegen.

Geef mij de oude gevels, gildestegen,
De klinkers, de kasseien en het zand.
De honger, nog met armoede omrand,
De zondag, zonder koopgoot maar met regen.

Alles is veel voor wie daar steeds naar smacht.
De 'condition humaine' baart mij zorgen,
Een toestand die helaas niet overgaat.

Dit heb ik - bij een friteszak - overdacht,
Verzadigd, op een uitverkochte morgen,
Domweg wat nukkig, in zo'n winkelstraat.


Naar J.C. Bloem

 

Koop koop koop