Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent





De blaadjes zijn nog altijd aardig groen
en lijken niet te denken aan vergelen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

De bloesem werd een peer of een citroen.
De rijpe kersen glanzen aan hun stelen.
De blaadjes zijn nog altijd aardig groen.

Je ziet het laatste jonge waterhoen
met uitgebloeide waterlelies spelen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Nog één keer vrijen in het stadsplantsoen,
nog één keer onbespied elkander strelen:
de blaadjes zijn nog altijd aardig groen.

Nog gauw het strand op zonder wandelschoen,
voordat de kust de winterstorm moet velen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Het loopt tegen het eind van het seizoen;
dat kan de laatste warmte niet verhelen.
De blaadjes zijn nog altijd aardig groen.
De zomer wil nog één keer zomers doen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Uit de nalatenschap van Herman J. Claeys: Sextet

Wanneer mijn Kaatje mij bedriegt
Met een of ander grietje
Dan maak ik daar geen drama van,
En zoek ik mij een mietje.

En als die jongen ontucht pleegt
Met een of ander maatje,
Dan pleng ik daar geen tranen om,
En vrij ik weer met Kaatje.

Maar als dan Kaatje met een boy
Haar liefdesdorst gaat lessen,
Beleg ik een vergadering,
En vrijen wij gezessen.

Koop koop koop