Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Ze zouden trouwen.
Hij moest naar zee
om vis te vangen.
Zij kon niet mee.

Zij stond hem liever
geheel niet af
al aan de Noordzee,
dat zeemansgraf.

Hij viste tong en
hij viste bot.
Toch wachtte hem daar
een droevig lot.

De wind was hard en
de wind was west.
Da’s voor zo’n schuitje
niet al te best.

De verre kust heeft
hij niet gehaald.
De vis wordt altijd
nog duur betaald.

Hij zonk al bijna
diep naar omlaag
toen hij gevat werd
al in zijn kraag.

Met al zijn krachten
greep hij een koord.
Een sterke dame
hees hem aan boord.

Zij hield hem warm in
die lange nacht
in het vooronder
al van haar jacht.

Zijn leven werd een
belevenis
sinds hij op zee toen
gebleven is.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Doorzetter

Al jong wou ik mijn damtalent ontginnen
Maar na een maand of twee, drie gaf ik op
Zelfs mijn demente oma gaf me klop
Al wilde ze me dolgraag laten winnen

Ik leek met turnen meer een houten pop
Mislukte in de F’jes als linksbinnen
Bij judo was ik een der grootste minnen
En op de tennisbaan was ik een flop

Met boksen kreeg ik stoot na stoot te innen
Als loper liep ik nooit een keer op kop
En voor mijn hockeyteam was ik een strop
Iets slims kon ik als schaker niet verzinnen

Al vond ik niet bepaald mijn draai als sporter
De wielerwereld bracht me wel succes:
Op Tourmalet, Ventoux of Alpe d’Huez
Ben ik de mafst geklede toursupporter

 
Uit: Eeuwig rijzen, uitgeverij de Contrabas, 2011

Koop koop koop