Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft


Foto Henk Adema

In eigen tuin wil men geen buren zien,
dus wordt de schutting hoog gelijk een toren.
Wel is men zeer gespitst of men misschien
iets ruiken kan, of – liever nog – iets horen.

Een enkeling kan zijn nieuwsgierigheid
niet meer bedwingen, klimt naar ’t zolderraam, waar
hij heel soms in de hoogste zomertijd
een glimp opvangt van buurvrouws zonnend schaamhaar.

De reiger die zijn nek bespiedend buigt,
aanschouwt vanaf de nok het binnenleven.
De vrouw van nummer vijf wordt afgetuigd,
omdat zij slapen bleef op nummer zeven.

Het doet hem niets, want zijn verstilde ijver
geldt enkel gouden flitsen in de vijver.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Dag boek!


In dit millennium kwelt mij de  vraag
waarom wat is geschreven nog als boek
bestaat. Wanneer nu eindelijk het doek
valt voor dat lor met ezelsoor, die plaag

van vet en snel losbandig woordenvat
en van die slappe dweil de paperback
vol kwijl en shag, ja zelfs met luis en crack!
Ik ben het spuugzat, al dat gore blad.

Goddank: het lezen kan nu digitaal;
zo schendt geen derrie nog een schoon verhaal.
Dus weg die lorren, bij het oud papier!

We houden er een paar als souvenir,
voor leesmusea. Achter kiemvrij glas
ligt straks te kijk hoe vies u vroeger las –



Uit: Zo klinkt dus weggesmeten geld. Mouria, 2007