Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft


Jantje zag eens pruimen hangen,
o! als eieren zo groot.
Hevig was zijn pruimverlangen,
schoon zijn vader 't hem verbood.

Hevig was zijn pruimverlangen.
Diepe somberheid ontsproot.
Aaltje met de rode wangen
zag hem zitten in de goot.

Aaltje met de rode wangen
werd zijn redder in de nood.
Hevig was zijn pruimverlangen,
schoon zijn vader 't hem verbood.

Midden in de pruimentijd
raakte Jan zijn onschuld kwijt.


De titel en de regels 1,2 en 4 zijn van Hiëronymus van Alphen. De titel is voorzien van een tussen-n, die sinds 1995 in zwang is.

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Goed fatsoen

graf

straks lig je daar, te rusten onder zand
of klei of wat dan ook, een meter diep
gestorven aan de cholera of griep
vermorzeld door een dolle olifant

wat maakt het uit, het is niet relevant
je bent terug bij wie je leven schiep
je moest direct op reis toen Hij je riep
en maakte zelfs je rommel niet aan kant

voor schoonmaak krijgt niet iedereen de tijd
en voor je klusjes stuurt Hij ook geen meid
maar ach, wat zou een hulpje kunnen doen

wat kan het schelen ook, ga goedgeluimd
je hebt al zoveel rotzooi opgeruimd
en kunt nu rustig gaan met goed fatsoen

Koop koop koop