Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Wanneer je jongeheer een oudeheer is,
dan moet hij af en toe een tukje doen,
waarin hij droomt dat hij nog in de weer is.
Onstuimig als de knuppel van een smeris
geeft hij de hele wereld van katoen.

Wanneer je jongeheer ooit met pensioen is
dan droomt hij van de dagen van weleer.
Hoewel hij niet meer weet wat van katoen is
en geen idee heeft wat er nog te doen is,
toch blijft je jongeheer je jongeheer.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Aan Piet


>

  Ik zag u ook aan 't raam in die coupe,
  Die rare blik waarmee u naar me keek.
  Ik dacht meteen: wat moet hij?en o jee!
  En raakte er behoorlijk van van streek.
 
  Gelukkig, dacht ik, zit hij in een trein
  Die met een vaart de and're kant uit gaat.
  Stel voor dat ik een wandelaar zou zijn
  En hem hier ergens tegenkwam op straat.
 
  U noemt mijn ogen wonderdiep en klaar
  En zegt dat ik zoals een engel ben,
  Maar raakt daarmee bij mij bepaald geen snaar
  Omdat ik mannen als u heus wel ken.
 
  De vragen die u stelt vertrouw ik niet
  Want had ik wel het rijtuig opgerukt
  Dan was geen spoorwegramp gebeurd, hè Piet,
  Maar had u wel zich op mij vastgedrukt.
 
  Vervolg uw pad gerust met fletse lach
  Maar zeur daarover niet in zo'n gedicht!
  Een somberman als u die praat van 'Ach'
  Daar zou ik, Rika, nooit voor zijn gezwicht.

Koop koop koop