Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Daar stond zij oog in oog met zijn maîtresse,
twee vrouwen aan twee zijden van zijn graf,
een hoopje zand; de steen was nog niet af.
Ze keken naar elkaar vol interesse.

“Wat gaf jij hem, dat ik hem niet kon geven?”
‘Ach, niet zo veel, hij hield van jou en mij.
De stiekemheid gaf een gevoel van vrij,
maar zonder jou kon hij geen etmaal leven.’

“Je hebt gelijk, het was zijn rusteloosheid.
Ik had wel vrede met de status quo.
Toen kwam die del uit Paramaribo.
Hij had geen notie van ons beider boosheid.”

‘Wel fijn, dat ik kon komen aan strychnine,
omdat ik werk heb in een apotheek.
Gelukkig dat het jou ook wel wat leek.’
“Ja zeker, liever dat dan blijven grienen.

Ik heb het in zijn whiskyglas geschonken
en in het winti-flesje in zijn zak.
Zij zit nu twintig jaren in de bak;
bewijs genoeg, de zaak was zo beklonken.”

‘Al is het beter zo, toch blijft het zonde.
Nou ja, het is gebeurd. Ik ga maar weer.’
“Kom mee met mij. Ik taal niet naar een heer,
maar wel naar warmte in mijn lege sponde.”

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Hemels tafereel


Gerrit Komrij 1944-2012


Ach, kijk ze nou toch vrolijk staan te springen!
De witte veren vliegen in het rond
Ook cherubijntjes in hun blote kont
Staan stralend van Gods lof en eer te zingen

Eén loopt zich door de menigte te wringen
Verbeten trek rond de wat weke mond
Ondanks zijn blos oogt hij wat ongezond
Normaal bij pas gestorven stervelingen

Hij spreidt een zelfverzekerdheid ten toon
Ondanks zijn nu gestaakte ambtstermijn
Alsof zijn sterven hem pas echt een doel gaf

Hij stevent recht op God af op Zijn troon
En zegt met lijzig, achteloos venijn;
‘Ga als de sodemieter van mijn stoel af!’

 

 

Koop koop koop