Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Het is weer tijd voor schaamteloos ontluiken.
Het is weer volop lente. Het is mei.
Het groeit en bloeit in bomen en in struiken.
Het zaaigoed schiet te voorschijn uit de klei.

Het dartelt in de stal en in de wei
van veulen, big en lam, van kalf en kuiken.
Al wat niet levend baart legt dril en ei.
De meisjes tonen winterwitte buiken.

Straks veeg ik het gevallen blad weer op.
Het loof dat in oktober naar benee moet
is nu nog jong en groen en voedt mijn weemoed.
Ik ween om elke uitgebroken knop.

Van mij mag alles best een heel stuk korter:
de maand, de rokjes, het gedicht van Gorter.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Vergankelijk






Als schemerlicht het raam verduistert 
hef ik het glas en weet mij even 
door zoete eenzaamheid omgeven 
terwijl mijn stem je naam weer fluistert.
 
De maan werpt kilte door het glas;
Ik pook de haard op en de vonken
verstuiven tot zij, weer verzonken
versmelten in de rode as.

En al de jaren die vergleden,
de levens en de lijdensduur;
zij vallen samen in het vuur
als was het een moment geleden.

(Uit: De tijd vliegt, maar de dagen gaan te traag, )

 

Koop koop koop