Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten door Marc van Oostendorp.

Klik hier voor deel 18.



Een geschiedenis van het Nederlands aan de hand van 196 sonnetten, door Marc van Oostendorp.
Deel 17, speciaal voor Iljona een uitleg over alexandrijnen: lees hier



Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten van Marc van Oostdorp.
Dit keer deel 16 met de kanttekening dat we ons afvragen of ze destijds ook menigh zeiden en toov'righ en 'een blad' uitspraken als 'een blad'.
Lees hier



Wie een sluitende definitie van het fenomeen humor kan geven, krijgt Ik neem voortaan een datingcoach cadeau.
Dat is een veilige uitdaging.
Die definitie bestaat immers niet, wat op zich al humoristisch is.
Humor is grappig, spottend, geestig, (droog)komisch, provocerend, taboedoorbrekend, confronterend, absurd, satirisch, vals en behaagziek tegelijk.
En nog veel meer. 
Frits Criens speelt in Ik neem voortaan een datingcoach met humor.
In zijn lichtvoetige verzen ontmantelt hij heilige huisjes, prikkelt de geest, spot met vooroordelen en toont zich een taalvirtuoos met een verrassende kijk op zijn onderwerpen. Of hij nou schrijft over daten, dierentuinbezoek of de tweeling van zijn zoon, het taalplezier spat af van zijn vormvaste gedichten.
De ondertitel Light verse van de bovensteplank is dan ook een terecht kwalificatie voor deze bundel.

Ik neem voortaan een datingcoach, Uitgeverij Liverse.
ISBN 978-94-91034-62-6
Paperback - 90 blz. - € 14.95



Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten van Marc van Oostendorp. Voor deel 15 klik hier.



Ginds boven, bij de hemelpoort
Ik zou haast zeggen: vlak ertegen
Dus voor een zaak heel welgelegen
Staat een frituur zoals het hoort
Waar mensenzielen, opgestegen
Hun frieten eten, onverstoord.
God ging er zwijgend mee akkoord.
Ze hebben hem zover gekregen.


Paul Ilegems, onze redacteur buitenland, is niet alleen bekend om zijn ollekebollekes, waarvan hij enkele bundels uitbracht samen met met Drs. P, maar is ook een gekend frietdeskundoloog.
In 1981 begon hij de collectie van het Frietkotmuseum samen te stellen en de eerste tentoonstellingen te organiseren. HET FRIETKOTMUSEUM PAUL ILEGEMS. Hij is de auteur van diverse publicaties over het frietkot waarvan vooral De Frietkotcultuur, Het Belgisch Frietenboek, Het Volkomen Frietboek en Frietgeheimen bekendheid genieten. In 2006 werd hij tot Ridder benoemd in de Nationale Orde van de Gulden Puntzak voor zijn uitzonderlijke bijdrage ter verdediging van de frietkotcultuur.
Nu verschijnt een bundel met light verse Eeuwig zingen de frieten, gewijd aan dit culinaire hoogstandje en dat wordt 24 april in Antwerpen gepresenteerd, om 15.00 uur in Boekhandel De Groene Waterman.
Dat die zich bevindt in de Wolstraat weet iedereen, maar dat het op nummer 7 is, is een goed bewaard geheim. Er is zelfs een programma:

1. Opening door Jan van der Geer (Liverse)
2. Uitreiking eerste exemplaar aan Leen Raats
3. Jan interviewt Paul Ilegems
4. Jan van der Geer leest enige gedichten uit Eeuwig zingen de frieten
5. Paul Ilegems leest voor uit eigen werk

Daarna kan Eeuwig zingen de frieten, onder het genot van een drankje, gekocht en gesigneerd worden. 

Eeuwig zingen de frieten (Uitgeverij Liverse, Dordrecht)
Paul Ilegems
ISBN 978-94-91034-50-3
Paperback - 74 blz. - € 15.00



Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten, door Marc van Oostendorp.
Klik hier voor deel 14.



Deel 10 alweer in de serie De Nederlandse taal in 196 sonnetten van Marc van Oostendorp. 
Klik hier voor de link naar dit lezenswaardige taalblog.

 



1996: Kees Stip opent met zijn gedicht ‘Waterlandschap’ het Theater van de Natuur in Sellingen.

Hans ter Heijden schreef een boekje over de jaren dat dichter Kees Stip, ook bekend als Trijntje Fop, in Westerwolde woonde: Ter Apel zien en dan sterven ( een aforisme van Stip).
Het is een ‘wandelverhaal’ over de Groninger jaren van Stip.
Van 1978 tot zijn dood in 2001 woonde en werkte hij in een boerderij aan de Veenweg in Laudermarke bij Sellingen.  Als Trijntje Fop werd hij beroemd met zijn dierenversjes; in Groningen legde Stip zich vooral toe op het schrijven van sonnetten. Ook schreef hij kritische verzen en aforismen, onder meer over religie, natuur en milieu. Wat altijd bleef, was de humor.

In het boekje loopt Ter Heijden van Harpelsluis via Kopstukken, de Beetserwijk, de Sellinger bossen, de Zuid-Esweg en het Ruiten Aa Kanaal naar Laudermarke. Al wandelend vertelt hij over leven en werk van Stip in Westerwolde. Voor deze uitgave sprak hij met mensen die Kees Stip – en zijn vrouw Katja – gekend hebben, zoals Susan en Jos Gengler, die hun jeugd op een boerderij in Laudermarke doorbrachten. Maar ook met Hans Wachters en de inmiddels overleden Dirk Wolf uit Ter Apel, dichter Willem Jan van Wijk en pianiste Rebecca van Wijk-Remeijer (die samen met Stip musiceerde) uit Blijham, Stips stiefdochter Doron Fischer en beschermelinge dichteres Patty Scholten.
Ook staat hij stil bij het Theater van de Natuur in Sellingen, waar het gedicht Waterlandschap van Kees Stip is te lezen. De laatste regel – Nu en later is er hoop – was de titel van de expositie over Stip in Sellingen. Ter Heijden organiseerde deze, net als het Stipfestival in het Kees Stipjaar 2013, 100 jaar na de geboorte van de dichter in Veenendaal. Hij kreeg er in 2014 de Cultuurprijs van de gemeente Vlagtwedde voor.

Er zijn door de auteur ook twee Kees Stipwandelingen uitgezet, een lange en een kortere.
Beide leiden o.a. langs het huis van Stip in Laudermarke, het Theater van de Natuur en het huis in Sellingen waar in  Stip  1995 werd geridderd. Hij dichtte daarover: Op deze mooie dag in mei / draaf ik als ridder door de wei, / en laat waar ik ga of sta / een spoor van riddersporen na.

. Ter Apel zien en dan sterven, 54 pagina’s, met foto’s van o.a. Herman Janssen en Reyer Boxem is à € 10,00 te bestellen bij Uitgeverij Vliedorp (www.zolderman.nl/vliedorp/vliedorp_gedichten.html) en vanaf 9 maart ook bij de boekhandel.



Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten, door Marc Oostendorp.
Klik hier voor deel 9



Het nieuwe nummer van LightenUp Online is uit met o.a. dit gedicht over het Engels  equivalent van Versvormen van Drs. P, zodat we ons goed kunnen verplaatsen in de gevoelens van de dichteres
Joan Butler : Missing, Presumed Read

May his feet become entangled, may his choriambs corrode;
May his dactyls be dissimilar in size;
May he meet a big cæsura when he’s halfway through an ode
And effect an unpoetical demise;
May his epigrams be epitaphs, his jingles out of joint,
His limericks awash with glooms and dooms;
May his haiku and his clerihews completely miss the point;
May he make a frightful mess of his pantoums;
May his spondees be despondent, every anapæst accursed,
Arrhythmia afflict each amphibrach,
He who dared to misappropriate my How to be Well-Versed
In Poetry −and never brought it back.
(First published in The Oldie)


Hieronder een plaatje van het bewuste boek, dat uiteraard ook in ónze redactieboekenkast staat en hier een link voor het hele nummer.



Het Feest der Poëzie slaat weer toe: Van de Tachtigers naar het Feest der Poëzie is een theatrale collage voor alle zintuigen over deze dichtersgroep uit de jaren '80 van de 19e eeuw met o.a. voordracht, foto's, zeldzaam video- en audiomateriaal en een bijzondere drank. Jacques Perk, Willem Kloos, Herman Gorter, Lodewijk van Deyssel, Frederik van Eeden – de Tachtigers, de generatie dichters die rond 1880 het aangezicht van de Nederlandse literatuur geheel veranderde. Wie waren ze? Wat dreef ze? Wat schreven ze? En ook: wat dachten ze van elkaars werk, hoe werden hun boeken gedrukt, wat aten en dronken ze, en hoe klonken ze? En hoe zet het Feest der Poëzie hun ideeën voort?

Simon Mulder, dichter en voordrachtskunstenaar, geeft in deze theatrale lezing antwoord op bovenstaande vragen. Hij vertelt het verhaal van de Tachtigers en draagt hun gedichten voor. 

Lennard van Rij reageert met een voordracht van een eigen, even vormvast gedicht op elk voorgedragen gedicht van de Tachtigers, en toont hoezeer de vaste vorm nog levend en wel is.

Verder is er muziek, zang  en drank en wie daarover meer wil weten moet maar even op de link klikken:

zaterdag 21 maart 2015
deur open: 19:45 uur
aanvang: 20:15 uur
einde: ca. 22:00 uur
locatie: Pintohuis, St. Antoniesbreestraat 69, Amsterdam
entrée: 6,- euro  
meer informatie/reserveren: www.feestderpoezie.nl





Kijk eens aan, het moest er van komen: een nieuwe poëziecursus die aandacht besteedt aan de vorm, zoals wij dat graag zien.
Het is een cursus van de (volledig digitale) literaire schrijfschool Editio.nl. en wie op deze link klikt zal daar aanzienlijk meer te weten komen dan in dit stukje.
De cursus is geschreven door Jos Versteegen, bekend bij lezers van het helaas ter ziele gegane literaire blad De tweede ronde, dat zoveel light verse in zijn pagina's stopte.
En door dichter Victor Schiferli. Maar die kennen we niet.
Gedurende zeven weken krijg je elke week nieuwe lesstof, en daaraan zijn opdrachten gekoppeld. Vragen stellen aan de docent gaat heel eenvoudig via de site en de cursisten kunnen onderling chatten.
Voor wie regelmatig Het vrije vers leest en af en toe smartelijk denkt 'Dat wil ik ook kunnen!': kijk eens op Editio.nl.
 In zeven weken krijg je een stoomcursus poëzie. Alle onmisbare informatie komt langs: beeldspraak, rijm en metrum, sonnetten en vrije verzen.
Van de haiku tot het sonnet – zo had de cursus eventueel kunnen heten, maar dat was flauw geweest.



De geschiedenis van het Nederlands aan de hand van  196 sonnetten door Marc van Oostendorp, deel 7. Klik hier



Voor de Geschiedenis van het Nederlands aan de hand van 196 sonnetten, door Marc van Oostendorp, deel 6 hier klikken

                                                         


Noot voor de pers: onder embargo tot 21.30 uur!

Het Nationaal Congres maakt vanavond op het Gedichtenbal bekend dat: AnonymusAnna Bijns,  Jeremias de DeckerChr. J. van GeelIda Gerhardt,  Herman GorterP.C. HooftLucebertMartinus Nijhoff,  Augusta PeauxJoost van den Vondel en Karel van de Woestijne genomineerd zijn voor de functie van Dichter van het Koninkrijk der Nederlanden. Dus ook voor die delen van het Koninkrijk waarvan Nederland niet het vaderland, maar het moederland is, zoals enkele Antillen.

De benoemingscommissieleden  - Jaap van den BornAugust Heyting,  Jean Pierre RawieJacqueline van der WaalsElly de Waard en Chawwa Wijnberg - zijn op voorspraak van Zijne Majesteit Koning Willem Alexander I op een geheime locatie bijeen en in conclaaf.
Medio februari hopen ze bekend te maken wie tot aan des Konings dood zich Dichter des Koninkrijks mag noemen

In dit verband is het volgende stukje op het NPE Nieuwsblog wellicht ook interessant: klik hier



Geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten. Door Marc van Oostendorp:
Klik hier voor Deel 5



Neem ook eens een kijkje op de Nederlandse Poëzie Encyclopedie voor nog meer sonnettenkransen, zoals die van Frank van Pamelen die er ook nog een acrostichon in stopte. Hier klikken.



Klik hier voor deel 3 van de geschiedenis van het Nederlands aan de hand van 196 sonnetten, door Marc van Oostendorp.



Klik hier voor deel twee van De geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten



Het Nederlandse sonnet viert dit jaar zijn 450e verjaardag!
Het is daarmee ongeveer even oud als de taal zelf. Althans, wanneer we met het Nederlands de moderne standaardtaal bedoelen, kunnen we het begin ergens in het midden van de zestiende eeuw plaatsen. Dat was ook de tijd dat Nederlandse dichters sonnetten begonnen te schrijven. Dit jaar precies 450 jaar geleden verschenen de eerste.

Neder-L publiceert de komende jaren een geschiedenis van het Nederlands aan de hand van 196 sonnetten uit de afgelopen viereneenhalve eeuw. Nieuwe afleveringen zullen vrijwel iedere zaterdag verschijnen gedurende de komende vier jaar. Lees hier de eerste aflevering

Subcategorieën

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Log in op de site

Forum (recent...)

Uit het archief

3 Copla's voor waikschilde bonen


Ede Staal (Groningse zanger, klik hier)

Noem het maar Gronings, noem het plat
Ik doe mijn warme middagmaal
Met bonen, in de dop gekookt
En een gedicht van Ede Staal

-

De saus van boter, vet en stroop
Bezorgt de gast een aderkwaal
Hem wacht daarna als grand dessert
Een laatste lied van Ede Staal

-

Ik rook een laatste sigaret
De wind trekt aan, mijn tuin wordt schraal
En door de dook* beschijnt de maan
Het kleine graf van Ede Staal


*mist

Koop koop koop