Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Deel 10 alweer in de serie De Nederlandse taal in 196 sonnetten van Marc van Oostendorp. 
Klik hier voor de link naar dit lezenswaardige taalblog.

 



1996: Kees Stip opent met zijn gedicht ‘Waterlandschap’ het Theater van de Natuur in Sellingen.

Hans ter Heijden schreef een boekje over de jaren dat dichter Kees Stip, ook bekend als Trijntje Fop, in Westerwolde woonde: Ter Apel zien en dan sterven ( een aforisme van Stip).
Het is een ‘wandelverhaal’ over de Groninger jaren van Stip.
Van 1978 tot zijn dood in 2001 woonde en werkte hij in een boerderij aan de Veenweg in Laudermarke bij Sellingen.  Als Trijntje Fop werd hij beroemd met zijn dierenversjes; in Groningen legde Stip zich vooral toe op het schrijven van sonnetten. Ook schreef hij kritische verzen en aforismen, onder meer over religie, natuur en milieu. Wat altijd bleef, was de humor.

In het boekje loopt Ter Heijden van Harpelsluis via Kopstukken, de Beetserwijk, de Sellinger bossen, de Zuid-Esweg en het Ruiten Aa Kanaal naar Laudermarke. Al wandelend vertelt hij over leven en werk van Stip in Westerwolde. Voor deze uitgave sprak hij met mensen die Kees Stip – en zijn vrouw Katja – gekend hebben, zoals Susan en Jos Gengler, die hun jeugd op een boerderij in Laudermarke doorbrachten. Maar ook met Hans Wachters en de inmiddels overleden Dirk Wolf uit Ter Apel, dichter Willem Jan van Wijk en pianiste Rebecca van Wijk-Remeijer (die samen met Stip musiceerde) uit Blijham, Stips stiefdochter Doron Fischer en beschermelinge dichteres Patty Scholten.
Ook staat hij stil bij het Theater van de Natuur in Sellingen, waar het gedicht Waterlandschap van Kees Stip is te lezen. De laatste regel – Nu en later is er hoop – was de titel van de expositie over Stip in Sellingen. Ter Heijden organiseerde deze, net als het Stipfestival in het Kees Stipjaar 2013, 100 jaar na de geboorte van de dichter in Veenendaal. Hij kreeg er in 2014 de Cultuurprijs van de gemeente Vlagtwedde voor.

Er zijn door de auteur ook twee Kees Stipwandelingen uitgezet, een lange en een kortere.
Beide leiden o.a. langs het huis van Stip in Laudermarke, het Theater van de Natuur en het huis in Sellingen waar in  Stip  1995 werd geridderd. Hij dichtte daarover: Op deze mooie dag in mei / draaf ik als ridder door de wei, / en laat waar ik ga of sta / een spoor van riddersporen na.

. Ter Apel zien en dan sterven, 54 pagina’s, met foto’s van o.a. Herman Janssen en Reyer Boxem is à € 10,00 te bestellen bij Uitgeverij Vliedorp (www.zolderman.nl/vliedorp/vliedorp_gedichten.html) en vanaf 9 maart ook bij de boekhandel.



Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten, door Marc Oostendorp.
Klik hier voor deel 9



Het nieuwe nummer van LightenUp Online is uit met o.a. dit gedicht over het Engels  equivalent van Versvormen van Drs. P, zodat we ons goed kunnen verplaatsen in de gevoelens van de dichteres
Joan Butler : Missing, Presumed Read

May his feet become entangled, may his choriambs corrode;
May his dactyls be dissimilar in size;
May he meet a big cæsura when he’s halfway through an ode
And effect an unpoetical demise;
May his epigrams be epitaphs, his jingles out of joint,
His limericks awash with glooms and dooms;
May his haiku and his clerihews completely miss the point;
May he make a frightful mess of his pantoums;
May his spondees be despondent, every anapæst accursed,
Arrhythmia afflict each amphibrach,
He who dared to misappropriate my How to be Well-Versed
In Poetry −and never brought it back.
(First published in The Oldie)


Hieronder een plaatje van het bewuste boek, dat uiteraard ook in ónze redactieboekenkast staat en hier een link voor het hele nummer.



Het Feest der Poëzie slaat weer toe: Van de Tachtigers naar het Feest der Poëzie is een theatrale collage voor alle zintuigen over deze dichtersgroep uit de jaren '80 van de 19e eeuw met o.a. voordracht, foto's, zeldzaam video- en audiomateriaal en een bijzondere drank. Jacques Perk, Willem Kloos, Herman Gorter, Lodewijk van Deyssel, Frederik van Eeden – de Tachtigers, de generatie dichters die rond 1880 het aangezicht van de Nederlandse literatuur geheel veranderde. Wie waren ze? Wat dreef ze? Wat schreven ze? En ook: wat dachten ze van elkaars werk, hoe werden hun boeken gedrukt, wat aten en dronken ze, en hoe klonken ze? En hoe zet het Feest der Poëzie hun ideeën voort?

Simon Mulder, dichter en voordrachtskunstenaar, geeft in deze theatrale lezing antwoord op bovenstaande vragen. Hij vertelt het verhaal van de Tachtigers en draagt hun gedichten voor. 

Lennard van Rij reageert met een voordracht van een eigen, even vormvast gedicht op elk voorgedragen gedicht van de Tachtigers, en toont hoezeer de vaste vorm nog levend en wel is.

Verder is er muziek, zang  en drank en wie daarover meer wil weten moet maar even op de link klikken:

zaterdag 21 maart 2015
deur open: 19:45 uur
aanvang: 20:15 uur
einde: ca. 22:00 uur
locatie: Pintohuis, St. Antoniesbreestraat 69, Amsterdam
entrée: 6,- euro  
meer informatie/reserveren: www.feestderpoezie.nl





Kijk eens aan, het moest er van komen: een nieuwe poëziecursus die aandacht besteedt aan de vorm, zoals wij dat graag zien.
Het is een cursus van de (volledig digitale) literaire schrijfschool Editio.nl. en wie op deze link klikt zal daar aanzienlijk meer te weten komen dan in dit stukje.
De cursus is geschreven door Jos Versteegen, bekend bij lezers van het helaas ter ziele gegane literaire blad De tweede ronde, dat zoveel light verse in zijn pagina's stopte.
En door dichter Victor Schiferli. Maar die kennen we niet.
Gedurende zeven weken krijg je elke week nieuwe lesstof, en daaraan zijn opdrachten gekoppeld. Vragen stellen aan de docent gaat heel eenvoudig via de site en de cursisten kunnen onderling chatten.
Voor wie regelmatig Het vrije vers leest en af en toe smartelijk denkt 'Dat wil ik ook kunnen!': kijk eens op Editio.nl.
 In zeven weken krijg je een stoomcursus poëzie. Alle onmisbare informatie komt langs: beeldspraak, rijm en metrum, sonnetten en vrije verzen.
Van de haiku tot het sonnet – zo had de cursus eventueel kunnen heten, maar dat was flauw geweest.



De geschiedenis van het Nederlands aan de hand van  196 sonnetten door Marc van Oostendorp, deel 7. Klik hier



Voor de Geschiedenis van het Nederlands aan de hand van 196 sonnetten, door Marc van Oostendorp, deel 6 hier klikken

                                                         


Noot voor de pers: onder embargo tot 21.30 uur!

Het Nationaal Congres maakt vanavond op het Gedichtenbal bekend dat: AnonymusAnna Bijns,  Jeremias de DeckerChr. J. van GeelIda Gerhardt,  Herman GorterP.C. HooftLucebertMartinus Nijhoff,  Augusta PeauxJoost van den Vondel en Karel van de Woestijne genomineerd zijn voor de functie van Dichter van het Koninkrijk der Nederlanden. Dus ook voor die delen van het Koninkrijk waarvan Nederland niet het vaderland, maar het moederland is, zoals enkele Antillen.

De benoemingscommissieleden  - Jaap van den BornAugust Heyting,  Jean Pierre RawieJacqueline van der WaalsElly de Waard en Chawwa Wijnberg - zijn op voorspraak van Zijne Majesteit Koning Willem Alexander I op een geheime locatie bijeen en in conclaaf.
Medio februari hopen ze bekend te maken wie tot aan des Konings dood zich Dichter des Koninkrijks mag noemen

In dit verband is het volgende stukje op het NPE Nieuwsblog wellicht ook interessant: klik hier



Geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten. Door Marc van Oostendorp:
Klik hier voor Deel 5



Neem ook eens een kijkje op de Nederlandse Poëzie Encyclopedie voor nog meer sonnettenkransen, zoals die van Frank van Pamelen die er ook nog een acrostichon in stopte. Hier klikken.



Klik hier voor deel 3 van de geschiedenis van het Nederlands aan de hand van 196 sonnetten, door Marc van Oostendorp.



Klik hier voor deel twee van De geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten



Het Nederlandse sonnet viert dit jaar zijn 450e verjaardag!
Het is daarmee ongeveer even oud als de taal zelf. Althans, wanneer we met het Nederlands de moderne standaardtaal bedoelen, kunnen we het begin ergens in het midden van de zestiende eeuw plaatsen. Dat was ook de tijd dat Nederlandse dichters sonnetten begonnen te schrijven. Dit jaar precies 450 jaar geleden verschenen de eerste.

Neder-L publiceert de komende jaren een geschiedenis van het Nederlands aan de hand van 196 sonnetten uit de afgelopen viereneenhalve eeuw. Nieuwe afleveringen zullen vrijwel iedere zaterdag verschijnen gedurende de komende vier jaar. Lees hier de eerste aflevering







Een groeidicht is niet makkelijk te maken
Wie is in staat om goed en leuk te zijn?
Het valt niet mee die harde noot te kraken

Een groeidicht is niet makkelijk te maken
De pen blijft telkens halverwege haken
In elke nieuwe regel schuilt venijn
Wie is in staat om goed en leuk te zijn?
Waar gaat het om: een boekje van vijf knaken
Wie wint de zure droesem; wie de wijn?
Het valt niet mee die harde noot te kraken

Een groeidicht is niet makkelijk te maken
De juryleden zoeken naar de schijn
Van diamanten in een zilvermijn
De pen blijft telkens halverwege haken
In elke nieuwe regel schuilt venijn
Wie is in staat om goed en leuk te zijn?
Waar gaat het om: een boekje van vijf knaken
Wie wint de zure droesem; wie de wijn?
Ook zijn er weer verliezers, dat doet pijn
We horen Remko vreugdekreten slaken
Het viel niet mee die harde noot te kraken

Ben Hoogland

Juryrapport:

De jury, bestaande uit de dichters van het Light Verse Collectief (Rob Boudestein, Gezienus Omvlee, Ton Peters en Ben Hoogland) was zeer verheugd over het forse aantal inzendingen (23). Ook heeft de jury genoten van de onderwerpen, de aardige en onverwachte invallen en de in het algemeen goed gehanteerde verstechniek.

Het is niet mogelijk om alleen maar winnaars aan te wijzen. Hier en daar viel ook wel wat aan te merken. Er werd door sommige dichters gebruik gemaakt van (half)rijk rijm. Het  bleek ook lastig om een uitgroeiende originele verhaallijn op te zetten en deze consequent vol te houden.
Er sprongen vier verzen uit qua originaliteit en techniek. 
Deze zijn in willekeurige volgorde:

  • Reeperbahn van Frits Criens
  • Op de groei van Adriaan van Dam
  • Het groeidicht van Remko Koplamp
  • Een goed voornemen van Remko Koplamp

    De eerste drie verzen staan ex-aequo op een zeer verdiende tweede plaats en krijgen een eervolle vermelding.

    Behoudens deze roem gaat Remko Koplamp met de erepalm strijken. Zijn groeidicht “Een goed voornemen” haalde bij alle juryleden het maximaal haalbare aantal punten.Hij verdient daarom een dichtbundel naar keuze. Wordt het een exemplaar van “De dood en het peloton” of “Drenthe is best mooi (op Google maps)?

Aan alle winnende dichters: Proficiat, u bent een lichtend baken in duistere tijden.
Aan alle deelnemers: laaf u aan deze dichtvorm, voeg hem toe aan uw palet en publiceer met regelmaat op het onvolprezen Vrije Vers.
Tot slot klinkt, terwijl de champagnekurken knallen en de eerste feestsigaren worden aangestoken een feestrede van Ton Peters, niet alleen als felicitatie voor de winnende dichter maar ook als een hart onder de riem voor alle dichters:

U moet aan poëzie beginnen

U moet aan poëzie beginnen
Al schiet u ook fysiek tekort
De hoofdprijs komt vanzelf wel binnen

U moet aan poëzie beginnen
Geleidelijk aan hoogte winnen
Totdat u luid geprezen wordt
Al  komt u ook fysiek tekort
Ooit is het tijd voor woest beminnen
Wanneer een fan zich op u stort
De hoofdprijs komt vanzelf wel binnen

U moet aan poëzie beginnen
Gewoon vanaf de eerste sport
En door geen hulptouwen omgord
Geleidelijk aan hoogte winnen
Totdat u luid geprezen wordt
Al komt u ook fysiek tekort
Ooit is het tijd voor woest beminnen
Wanneer een fan zich op u stort
Met oren als een uithangbord
En schommelende onderkinnen
De hoofdprijs komt vanzelf wel binnen

Ton Peters



 

De Salon der Verzen van het Feest der Poëzie is een bijzondere belevenis met poëzie en muziek.
De eerstvolgende editie van De Salon der Verzen zal op zaterdagavond  31 januari plaatsvinden in verschillende vertrekken van het Muiderslot met een finale in de Ridderzaal.
Ze brengen met hun optreden de sfeer van de Muiderkring terug; hun groep met musici en dichters komt met eigen werk  - en dat van de Muiderkring - tijdens een unieke avond in de prachtige entourage van het Muiderslot.

Wat kun je verwachten? De Gouden Eeuw-gedichtenroute door Muze Poëzie-app wordt gepresenteerd met een wandeling door het slot, begeleid door 17e-eeuwse liederen van troubadour Musonius.
Daarna treden de dichters van het Feest der Poëzie, Lennard van Rij, Mieke van Zonneveld, David Kwa en Simon Mulder, op. Zij dragen o.a. voor uit hun bijdragen aan Avantgaerde, een uit lood gezet, op een drukpers uit 1913 gedrukt e
n handgebonden periodiek voor de dichtkunst. Ook is er muziek: Nederlandse klassieke liederen door sopraan Susanne Winkler en pianist Daan van de Velde, daarnaast een 17e-eeuwse poetry slam met nieuw geselecteerde teksten, en klassieke voordracht uit Vondels 'Gijsbrecht van Aemstel'.
Meer informatie over het programma en de reserveringsmogelijkheden vind je hier.

     

Deze week nam Inge Boulonois afscheid als stadsdichter van Heerhugowaard.
Dit ging gepaard met de feestelijke presentatie van haar nieuwe bundel Heerhugowaardse gedichten, waar we veel moois van kunnen zeggen, want hij is, behalve voor Heerhugowaardenaars (komt u maar ob-schrijvers) ook aantrekkelijk voor de rest van Nederland. Maar we zeggen die mooie dingen niet, want het staat allemaal al in deze flyer:


 



Voor het zevende jaar op rij verzorgen de dichters Ko de Laat en Coenraedt van Meerenburgh op 31 december een oudejaarsconference in dichtvorm.
In hun programma ‘Het jaar rond in 52 snelsonnetten’ brengen zij een compilatie van de actuele gedichten die ze afgelopen jaar publiceerden op gedichten.nl.

Het programma van De Laat en Van Meerenburgh is voor zover bekend de enige oudejaarsconference in dichtvorm. Daarnaast is het ook de eerste oudejaarsshow die op 31 december plaatsvindt.
De thema’s van de snelsonnetten variëren van wereldleed tot obscure komkommernieuwtjes. De gedichten zorgen de ene keer voor directe herkenning, de andere keer voor een ‘oh ja’-gevoel.
De oudejaars in dichtvorm kent een jaarlijks groeiende belangstelling. Ook kreeg het evenement de afgelopen jaren veel media-aandacht.

De uitvoering vindt op 31 december traditiegetrouw plaats in De Drvkkery, Markt 51, in Middelburg vanaf 14.00 uur.
Dit jaar is er op 28 december ook een try out in De Taalwerkplaats, Zijtak OZ-66 in Nieuw-Amsterdam, eveneens vanaf 14.00 uur.
Meer informatie:

Ko de Laat
013 5359809
06 30317135

Hier twee voorbeelden van snelsonnetten voor wie nu alwéér vergeten heeft wat dat zijn:



alles is meteen zoveel


Is de zin die Ingmar Heytze bedacht heeft voor de 19e Willem Wilmink dichtwedstrijd. De gastdichter van 2014, Tjitske Jansen, heeft dichter Ingmar Heytze gevraagd als gastdichter voor 2015.

De bedachte regel moet  letterlijk en ongewijzigd in je bijdrage voor komen, in het begin, aan het eind of ergens middenin.
Bovendien mag de zin niet enkel als titel worden toegepast maar moet onderdeel zijn van het gedicht.
Je mag ook met deze zin beginnen en de hoofdletter A gebruiken en er staat geen punt achter de zin dus je kunt deze desgewenst aanvullen.
Er kan slechts één gedicht ingezonden worden.

Je kunt dit tot en met zondag 8 maart 2015 sturen naar: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of Bibliotheek Almelo, Postbus 189, 7600 AD Almelo.
Op zondag 22 maart om 15.00 uur vindt de prijsuitreiking plaats in café de Meridiaan van Bibliotheek Almelo.



De Gerrit Komrij-prijs 2014 is naar Mieke Houben gegaan voor haar boek Vieze liedjes uit de 17e en 18e eeuw.
Het juryrapport kun je hier lezen.
Deze onderscheiding is volkomen terecht, want dit schitterend vormgegeven boek, dat een ware schatkamer van vuns- en vozigheid is, toont ondubbelzinnig aan dat dubbelzinnigheid en het onverbloemd scrabeuze welig tierde in die tijd en dat de gegoede burgerij in haar boekenkasten op de plank met poëzie niet enkel Vondel en Hooft had staan, maar fraaie leren banden met schunnigheid.
Het light verse bloeide toen flink.
In de archieven van Het vrije vers hebben we natuurlijk ook de werkjes waaruit de schrijfster geput heeft, zoals Thirsis Minnewit, bestaande uit een verzameling van de aangenaamste minne-zangen en voysen, uit 1763.
Vanwege de feestelijke gelegenheid een voorbeeld hieruit, Ongelyk Houwelyk, dat in Vieze liedjes voorkomt onder de titel Een wonderlyk trouwgeval van een man van 75 jaar met een dochter van 14 jaar, als afkomstig uit de bundel Het wydberoende Overtoompje, Of de Playzierige en Vermakelyke Amsterveensche boomgaard uit 1731. Het liedje leert dat brandewijn een nadelige invloed heeft op je Jan Dirk:






Op het Feest der Poëzie van november 2014 is de vierde editie van het handgemaakt (uit lood gezet, ambachtelijk gedrukt en met de hand gebonden) poëzieperiodiek Avantgaerde gepresenteerd; het eerste exemplaar werd uitgereikt aan dichter Menno Wigman, eregast van de avond.
In dit nummer, uitgekomen in 300 exemplaren, is nieuw werk opgenomen van: Mieke van Zonneveld, Lennard van Rij, Menno Wigman en Simon Mulder.
Menno Wigman droeg ook een vertaling van Rainer Maria Rilkes 'Orpheus. Eurydice. Hermes.' bij. Omslag en een illustratie voor het binnenwerk werden verzorgd door V. Cavum. Het blad is verkrijgbaar via hun website.
Die moet je sowieso bezoeken om meer te weten te komen van dit gezelschap vormvaste dichters en hun verrassende activiteiten.

Subcategorieën

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Log in op de site

Forum (recent...)

Uit het archief

Antwoord van Olympos

Leuk hoor, zo'n reukorgaan
Ik ben dus Herakles
Ik sta bekend
Om mijn roemrijk geslacht

Zelfs na de beet van die
Peloponnesoshond
Weegt hij nog altijd
Een kilo of acht

 

Koop koop koop