Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

 


Foto: decorontwerp van Jan P. Koenraads voor een scène in ‘De kelders van de gevreesde BVD’ in de show Een welgemeend olé voor Drs. P uit 1969 (NCRV, regie: Ruud Keers).

Door Joke Beeckmans gepubliceerd 5 januari 2018

Ieder jaar kloppen tientallen onderzoekers uit de hele wereld aan bij de TIN-collectie van UvA Bijzondere Collecties op zoek naar uniek materiaal uit de Nederlandse theatergeschiedenis. In de serie ‘Schatgravers van de theatercollectie’ laten we er een aantal aan het woord.
Michèl de Jong werkt aan een biografie over Heinz Polzer (1919-2015), beter bekend als de kleinkunstenaar, zanger, light verse-auteur, schrijver en tekstdichter Drs. P. ‘Als 12-jarig jongetje werd hem al “een flinke algemeene ontwikkeling”, “een benijdenswaardig taalgevoel” en “veel zin voor humor” toegedicht.’

Waarom Drs. P?
Ik was sinds mijn schooltijd al liefhebber van zijn werk, en raakte de laatste tien jaar van zijn leven ook tamelijk hecht met hem bevriend. We scheelden 65 jaar, maar dat maakte niet veel uit. We waren allebei het type van ‘de eeuwige student’.

Wat is je achtergrond?
Ik ben freelance historisch onderzoeker en tekstschrijver, ooit opgeleid als archeoloog. Voor het schrijven van een biografie blijkt dat geen onaardige combinatie. Er is niet zoveel verschil tussen het reconstrueren van het verleden aan de hand van potten en botten of het reconstrueren van een leven aan de hand van archiefonderzoek en interviews.

Wat zijn je bronnen?
Ik voer veel gesprekken met de laatsten der Mohikanen uit zijn jeugd, en met zijn latere vrienden en collega’s. Omdat hij relatief laat doorbrak – hij was toen al in de veertig – en dus vaak werkte met mensen die veel jonger waren dan hij, heb ik het geluk dat veel van hen nog in leven zijn. Verder ben ik hem gaan nareizen. Polzer werd geboren in Zwitserland, als zoon van een Nederlandse moeder en een Oostenrijkse vader. Ik heb er enkele stadsarchieven en zijn geboortehuis bezocht.

Ook in Nederland doe ik veel archiefonderzoek. Bij het gymnasium in Utrecht vond ik bijvoorbeeld een mooie overdrachtsbrief van de directeur van zijn basisschool. Als 12-jarig jongetje werd hem al ‘een flinke algemeene ontwikkeling’, ‘een benijdenswaardig taalgevoel’ en ‘veel zin voor humor’ toegedicht, maar men vond hem ook ‘een droomer’ en ‘buitengewoon onhandig’. Dat komt verbluffend overeen met de bejaarde man die ik later leerde kennen.

Wat trof je aan in de theatercollectie?
De P-collectie bestaat in feite uit twee delen. Eerder al werd een groot deel van zijn professionele archief, dat Polzer bij zijn vriend en officieuze schatbewaarder Ivo de Wijs had ondergebracht, overgedragen aan het TIN. Daarin zitten vooral liedteksten en manuscripten.

Het tweede deel bevat naast veel werkgerelateerde stukken ook correspondentie en persoonlijke documenten. Die papieren waren samen met zijn bibliotheek in zijn huis achtergebleven toen hijzelf en later ook zijn vrouw naar een verpleeghuis moest. Zijn uitgever en erfgenaam Vic van de Reijt heeft toen alles wat ook maar leek op een krabbel gered van de vuilnisman. De boekerij van Polzer is ondergebracht bij het Rotterdams Leeskabinet. De rest, een stuk of twaalf verhuisdozen vol ongeordende papieren, is naar de theatercollectie gegaan. De ontsluiting van dat archief doe ik erbij. Sinds de zomer kom ik daarvoor twee dagen per week vanuit Groningen naar Amsterdam.

Wat waren de mooiste schatten?
De laatste collectie is deels een neerslag van de laatste 20 jaar van zijn leven, maar er zitten bijvoorbeeld ook columns en reisverhalen bij die hij al in de jaren ’50 en vroege jaren ’60 schreef voor zowel Nederlandse als buitenlandse kranten als de Djakarta Miscellany. Daarin zie je zijn eerste voorzichtige stappen om zich te vestigen als schrijver.
Ook interessant is de correspondentie met Wim Kan. Die wilde dolgraag dat Polzer een liedje voor hem schreef, maar het lukte tot hun beider frustratie pas na lange tijd om tot één geschikt nummer te komen. Dat ene liedje heeft Kan nog gezongen tijdens de generale van de oudejaarsconference van 1966, maar het sneuvelde alsnog vlak voor de radio-uitzending.

Verder zijn er scripts, draairollen, decorschetsen en een handvol foto’s van zijn drie legendarische televisieshows uit de periode 1966-1970. Die zijn destijds maar één keer uitgezonden en daarna gewist. Doelbewust, zo wordt gefluisterd, omdat de NCRV niet meer met de inhoud geassocieerd wilde worden. Fascinerend zijn ook de aftitelingsrollen. Daarin zie je hoe hij met zijn pseudoniemen speelde. Als presentator en zanger wordt Drs. P genoemd, maar als tekstschrijver zijn prozaschuilnaam Geo Staad, naar de Zwitserse plaats Gstaad waar hij in de oorlog enige tijd verbleef.

En de grootste verrassing?
Het allerleukste was een nooit verstuurde envelop met mijn naam erop. Binnenin zat een gedicht waarin hij heel fraai en zonder ironie onze vriendschap bezingt. De brief was al gefrankeerd, maar door zijn verhuizing naar een verpleeghuis was hij er niet meer aan toegekomen hem op de bus te doen. Die vondst, nota bene twee jaar na zijn dood, was een ontroerend moment. Het voelde als een postume goedkeuring voor de biografie.

Wanneer is die geslaagd?
Het is bekend dat Drs. P nogal afkerig was van autobiografische exercities. Hij was erg op zijn privacy gesteld. Ook zijn eigen teksten vertellen maar weinig over zijn leven. Hij zette vooral iedereen steeds weer op het verkeerde been. Ik probeer een samenhang aan te brengen tussen het werkzame leven van Drs. P en het privé-leven van Heinz Hermann Polzer. Ik hoop dat de lezer de laatste ook beetje leert kennen en begrijpen. (Lachend:) En dat er straks een ‘Drs. P, de musical’ komt natuurlijk.

(Overgenomen uit De Theaterkrant  https://www.theaterkrant.nl/nieuws/michel-jong-schrijft-biografie-drs-p/ )

Bovenkant formulier

Onderkant formulier

Dit kennen we natuurlijk allemaal en zo niet, dan binnenkort, want dan wordt Vondel er weer ingeramd bij onze opvoeding als het aan Thierry Baudet ligt en gaan we terug naar die goeie ouwe tijd met hoge kindersterfte, dus wen er maar vast aan.



Schilderij Ruedi Anker 1869


Kinder-lyck

Constantijntje, 't zaligh kijntje,
Cherubijntje, van om hoogh, 
D'ydelheden, hier beneden,
Vitlacht met een lodderoogh.
Moeder, zeit hy, waarom schreit ghy?
Waarom greit ghy, op mijn lijck?
Boven leef ick, boven zweef ick, 
Engeltje van 't hemelrijck: 
En ick blinck 'er, en ick drincker,
't Geen de schincker alles goets 
Schenckt de zielen, die daar krielen,
Dertel van veel overvloets. 
Leer dan reizen met gepeizen
Naar pallaizen, uit het slick
Dezer werrelt, die zoo dwerrelt.
Eeuwigh gaat voor oogenblick.

Mooi, nietwaar?
En niet alleen zielig; er zit een versvorm in. Iets aanpassen en klaar.
En geen moeilijke, kinderlijk eenvoudig, dus we noemen hem het kinderlijk .
Vrijeversers die met de Kerst geen puf hebben voor moeilijk gedoe: zet je tanden er maar in. 
Beter dan in zo’n treurig kerstmaal.
Onderwerp is 'kerstkindje'. Hier vast een voorbeeld van Peter Knipmeijer:

Kindje Jezus.
Kerststalscene.
Dronken herders brengen lof.
En Ghislaine
Heeft migraine
Dus die kraamhulp heeft geen bof:
'Geef me pillen,
Godskolere!',
Denkt ze vol van plichtsverval.
'Stop dat kloten,
Idioten.
Stik maar in je klotenstal!'.




Mét recept voor een knolraapenlofdiner! 
Klik hier

Twee dagen geleden alweer dat het drie jaar geleden was.

 


Peter Knipmeijer (Jeugdfoto)

Door Dolf Ruesink

De verplichte dichtregel is dit jaar afkomstig van Peter Knipmeijer.
Peter Knipmeijer wilde voor de Wilmink Dichtwedstrijd 2018 een regel ‘die niet al te sturend is voor de deelnemers’. Helder en tegelijk vatbaar voor vele interpretaties en dichtstijlen. Knipmeijer is gastdichter van de 22e Willem Wilmink Dichtwedstrijd van de bibliotheek in Almelo.
De gastdichter is een echte bewonderaar van Wilmink. “Willem was een veelzijdig schrijver met een groot oeuvre. Er zit een vleugje weemoed in, maar het wordt nooit sentimenteel. Via programma’s als De Stratemaker Op Zee-Show en artiesten als Herman van Veen is het werk van Wilmink onderdeel geworden van het collectief geheugen van Nederland.”

Dichtregel

Knipmeijer kwam op de proppen met de regel ‘daar kunnen ze me ’s nachts voor wakker maken’. Als hij dit op zichzelf betrekt? “Als kind wilde ik altijd astronoom worden. Dat is er nooit van gekomen, maar voor iets moois aan de hemel kun je me ’s nachts wakker maken. En anders voor kaas. Het liefst zo sterk mogelijk, in grote hompen’. 

Doe mee!

Dichtregel : 'daar kunnen ze me 's nachts voor wakker maken'.
Deze regel moet letterlijk en ongewijzigd in uw gedicht voorkomen.
In het begin, aan het eind of ergens middenin.
De zin moet onderdeel van het gedicht zijn en niet enkel als titel worden gebruikt.
U kunt slechts één gedicht insturen.
Dat kan t/m zondag 4 maart 2018 via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of per post, naar Bibliotheek Almelo, Postbus 189, 7600 AD Almelo.
Prijsuitreiking is zondag 18 maart, 15.00 uur in de Bibliotheek van Almelo.

(Overgenomen uit Tubantia)



Uitgeverij Liverse
houdt een restantuitverkoop waarbij liefhebbers van light verse zich de vingers zullen aflikken.
In de afdeling light verse vinden we deze titels:

 Ik neem voortaan een datingcoach Frits Criens 2,00
Liefde uit blik Frits Criens 2,00
Het wak is gedicht Ben Hoogland 2,00
Zang- en leesboekje Drs. P 2,00
Drs. P Révisé Drs. P & Jaap van den Born 2,00
Broeders ontwaakt Drs. P 2,00
Fabelmensen II Drs. P 3,00
Weer of geen weer Drs. P & Jaap van den Born 3,00

Napels, ik ben er geweest

 

 

 

Geen geld voor deze unieke uitgaven, dus grijp die kans en bestel. Dat kan Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
 



Kaartjes kun je hier bestellen.



De Volkskrant
meldt vandaag het vogende:

Boeken Drs. P feestelijk ondergebracht in Rotterdamsch Leeskabinet, de laatste in zijn soort
Door: Bart Dirks

Drs. P zou waarschijnlijk spontaan een ollekebolleke hebben geschreven, had hij het bestaan gekend van het Rotterdamsch Leeskabinet. De privé-boekencollectie van tekstdichter en zanger Heinz Polzer (1919-2015) is er sinds woensdag ondergebracht.
'Wij wilden niet dat die boeken gingen uitzwermen, maar het grote probleem in Nederland is dat iedereen alles wil weggooien', zegt Vic van de Reijt van Het Heen- en Weerschap, de stichting die de auteursrechten van drs. P beheert.
'Zijn manuscripten liggen al langer bij de afdeling Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, maar de boeken wilden ze niet. 'Zelfs niet als daar persoonlijke opdrachten in staan van Gerrit Komrij, Jean Pierre Rawie of Nico Scheepmaker.
Evenmin was er interesse voor zijn rijmwoordenboeken of zijn talloze eigen uitgaven, waarvan drs. P het eerste exemplaar steevast met een gedichtje opdroeg aan zijn vrouw Mieke.

'Tot onze grote vreugde ontdekten we toen het Rotterdamsch Leeskabinet', aldus Van de Reijt. 'Ik had er zelf nog nooit van vernomen. Toen ik een mail stuurde, kreeg ik antwoord van de toenmalige bibliothecaris, drs. P. Pesch. Met  zo'n naam zit je goed, de overtreffende trap van drs. P. Die heeft nog vlak voor zijn pensioen de overdracht geregeld.' 
Het Rotterdamsch Leeskabinet, anno 1859, is de laatste in zijn soort. Opgericht uit sociale bewogenheid, om de elite en later ook de burgerklasse te scholen en amuseren. De zelfstandige collectie met 250.000 boeken en tijdschriften op het gebied van onder meer geschiedenis, filosofie, politiek, taal en kunst is ondergebracht in de bibliotheek van de Erasmus Universiteit. 

'We hadden al een grote collectie verworven op het gebied van humor', zegt Roman Koot, bibliothecaris van het Leeskabinet. 'Daar sluit de collectie van Drs. P mooi bij aan. Het betreft ongeveer tien meter aan boeken. Het leukste zijn volgens Koot de exemplaren met opdrachten van andere schrijvers, naast zijn boeken over taal en humor. 'Er zit veel curiosa tussen, zoals een bundel met cartoons uit de Playboy. Hij had wel een voorliefde voor het erotische, macabere en absurde.'

Het Rotterdams Passé

Deze week verschijnt ook een nieuwe cd, Het Rotterdams Passé van Drs. P. 'Drs. P voelde zich wel een Rotterdammer', zegt Van de Reijt. 'Hij heeft er een geweldige studententijd gehad en is daar doctorandus geworden aan de Economische Hogeschool.'
Nummers als 'De meisjes van de suikerwerkfabriek' en 'Ik heb mijn hart op Katendrecht verloren' worden gezongen door onder meer Liesbeth List, Jenny Arean, Gerard Cox, Mike Boddé en Drs. P. zelf. Pierre van Duijl zette de tekst 'O, oude Maasstad' op muziek.
Zelf het bekende nummer 'Trapportaal/De Commensaal'  (D'r ligt alweer een juffrouw in het trapportaal die onnatuurlijk om het leven is gekomen') wordt nu tot zijn Rotterdamse oeuvre gerekend. Van de Reijt: 'Je moet een beetje je fantasie gebruiken en bovendien, hij was toch zelf commensaal in Rotterdam. Er komt een kanaal in voor en daarmee zal vast een Rotterdams kanaal bedoeld zijn.'"

In de nieuwe behuizing van het Rotterdamsch Leeskabinet in de Universiteitsbibliotheek is een Drs. P-tentoonstelling samengesteld met een selectie uit de boekerij van Heinz Polzer. Daarin is onder meer aandacht voor zijn Rotterdamse periode als student en zijn vele bijzondere exemplaren te zien. De Drs. P-tentoonstelling is tijdens openingsuren van de UB te zien van 23 november tot eind maart 2018.






U I T N O D I G I N G

Een feestelijke middag op woensdag 22 november rond Dichter en Liedjesmaker Drs.P met aansluitend een tentoonstelling en receptie in het vernieuwde Leeskabinet

Het Rotterdamsch Leeskabinet, de Stichting Auteursrechten H.H. Polzer/Drs. P (‘Het Heen- en Weerschap’) en de Bibliotheek van de Erasmus Universiteit nodigen u uit voor een feestelijke bijeenkomst ter markering van de overdracht van de boekerij van Heinz Polzer/Drs. P aan het Leeskabinet.


De middag begint in het Erasmus Paviljoen, waar Roland Vonk de cd Het Rotterdams Passé van Drs. P zal presenteren, gevolgd door optredens van Fay Lovsky en Pierre van Duijl. Burgemeester Aboutaleb zal het eerste exemplaar van de cd in ontvangst nemen. Daarna zal Vic van de Reijt namens Het Heen- en Weerschap de privé-bibliotheek van Heinz Polzer overdragen aan het Rotterdamsch Leeskabinet.

Aansluitend kunt u in de nieuwe behuizing van het Leeskabinet in de UB de tentoonstelling rondom Drs. P bekijken onder het genot van een drankje.

Het programma:

15.00 - 15.30 Inloop Erasmus Paviljoen
15.30 - 16.30 Evenement Drs. P
16.30 - 18.00 Tentoonstelling met receptie in het vernieuwde bibliotheekgebouw


Andries Knevel gaat de verzamelde lichtegedichtenmakers voor in gebed. (Foto Ko Oost)

Taalpodium STEM heeft een foto-album samengesteld van de recente gebeurtenissen in Emmen. Dat kun je hier bekijken.



Nog een paar nachtjes slapen en dan is het eindelijk zover: het eerste Nederlandse Kampioenschap Lightversedichten.
Vanuit de verste uithoeken van ons land -  zoals de Randstad, bekend om zijn randgroepen - zullen 29 oktober duizenden toestromen naar het cultureel centrum van ons land en met de benen buiten hangen in het café in Emmen waar Lichtvoetig, zoals de gebeurtenissen genoemd worden plaats zal grijpen. 
Wie vast kennis wil maken met de tien genomineerden kan onder het leesmeerteken hun biografiëen vinden, verlucht met hun portret. De meesten zullen de lezers van Het vrije vers al bekend voorkomen en die zullen onmiddellijk opmerken dat Bas Boekelo een jeugdfoto inzond om zijn kansen te vergroten. Je zult bij het betreden van het podium lelijk door de mand vallen, Bas. 
Als extra bonus wordt de winnaar uitgenodigd voor een optreden in De Kleine Komedie in Amsterdam in januari 2018, wanneer daar het volgende Lightversespektakel zal plaatsvinden waarover wij nog uitgebreid zullen berichten.

  
Op zondag 29 oktober wordt in Emmen het Nederlands Kampioenschap Light Verse-dichten gehouden. Onder de 11 finalisten bevinden zich twee Tilburgers: Ko de Laat en Bas Jongenelen.
Om dit succes te vieren, zullen zij daags daarna in Paradox een overwinningsoptreden geven.
De twee dan gelauwerde light verse-dichters zullen dan hun lichtste verzen voor hun Tilburgse thuispubliek ten gehore brengen.
Als strijders, teruggekeerd van het Nederlandse kampioenschap.

Aanvang 20.30 uur (zaal open 19.30 uur)
Reserveer je kaarten hier:
https://paradoxtilburg.nl/programma/finalistenavond-nederlands-kampioenschap-light-verse-ko-laat/



De Zeeuwse Stichting Korreltje Zeezout heeft een dichtbundel het licht doen zien, gevuld met werk over zout, Zeeland en andere zinderende zaken, met de titel Korreltje Zeezout 2017.
Wat er op wijst dat we volgend jaar weer zo’n bundel mogen verwachten.
Onder de zevenentwintig dichters en dichteressen die het boek vullen met een of meerdere gedichten, treffen we een aantal hier bekende namen, zoals Jaap van den Born, Inge Boulonois, Frank Fabian van Keeren, Peter Knipmeijer, Hannelly Krutwagen en Kees Godefrooij.
Het lichte gedicht is in plezierig ruime mate aanwezig mogen we zeggen en van hoog niveau. Alle reden de bundel te bestellen.
De samenstellers hanteerden een strenge kwaliteitsvolgorde: de bundel opent met een sonnet van Jaap van den Born en sluit af met werk van Bas Jongenelen, vol enjambementen. Het is te hopen dat deze dichter zich de duidelijke wenk aantrekt.

Als voorbeeld een gedicht van Frank Fabian van Keeren, dat in de bundel gevolgd wordt door een antwoord van Peter Knipmeijer.
Wie  wil weten hoe dit feilloze een-tweetje in elkaar steekt en hoe de zwarte mosselpan elders in het boek onverwacht weer opduikt, zal de bundel moeten aanschaffen.
Deze vorm van chantage zullen we in de toekomst meer toepassen, want het is schandalig hoe weinig jullie in de buidel tasten om dit soort werk aan te schaffen.

Plan

Ik heb een sluw en avontuurlijk plan:
Ik ga een staatsgreep in Terneuzen plegen
Met op mijn hoofd een zwarte mosselpan

Ik neem gewoon een zeepkist mee en dan
Bazuin ik rond  als ik die heb bestegen:
‘Ik heb een sluw en avontuurlijk plan!’

Zo overtuig ik menig vrouw en man
Om mj te volgen in mijn slinkse wegen
Met op mijn hoofd een zwarte mosselpan

Genadelozer dan de Taliban
En geen ME’er houdt ons zelfs nog tegen
Ik heb een sluw en avontuurlijk plan

Dan heers ik in Terneuzen als tiran
En rijg ik criticasters aan mijn degen
Met op mijn hoofd een zwarte mosselpan

Ik zit hier niet voor niets, men weet ervan
En ik heb net mijn pillen weer gekregen
Ik heb een sluw en avontuurlijk plan
Met op mijn hoofd een zwarte mosselpan


Korreltje Zeezout 2017
Uitgave Stichting Korreltje Zeezout, Ellemeet 2017
ISBN 9789 4021 66958
€20,00  62 pagina’s
Om direct te bestellen klik hier.



Een geschiedenis van het Nederlans in 196 sonnetten, door Marc van Oostendorp.
Voor deel 110 klik hier.



De Jury van onze Light Verse Gedichtenwedstrijd Lichtvoetig heeft gesproken.
Uit in totaal 70 inzendingen zijn de allerbeste inzenders gekozen.
Te weten:

Bas Boekelo uit Hekelingen 
Rikkert Zuidervelt uit Vledderveen
Inge Boulonois uit Heerhugowaard
Desi Leijnen uit Haaksbergen
Bertus Beltman uit Emmen
Frits Criens uit Haelen
Machiel Pomp uit Posterholt
Niels Blomberg uit Almere
Bas Jongenelen uit Tilburg
Quirien van Haelen uit Roermond
en Ko de Laat uit Tilburg.

Alle genomineerden hebben intussen persoonlijk bericht ontvangen.
Zij gaan op 29 oktober bij Grand Café Groothuis in Emmen strijden om de hoofdprijzen. Een van hen mag zich daarna de eerste Light Verse Kampioen van Nederland noemen.

Van harte gefeliciteerd allemaal!!!



Verheugend nieuws voor wie dit leest:
Hier waart nog steeds de Polzergeest

 

Weense balladen, psychologische verkenningen. Titel en ondertitel van deze light-versebundel, uitgegeven door Jaap van den Born, dekken meteen de inhoud ervan. Het werk bevat zo'n 75 Weense balladen, een vorm die door Drs. P is ontworpen. Het rijmschema is, voor de volledigheid, aRaRbbaR bR. Het metrum is trocheïsch, zo lezen we in Versvormen, leesbaar handboek, geschreven door de meester zelf.* (zie voetnoot)

Van den Born is bij het samenstellen van deze bundel conceptueel te werk gegaan. Hij laat geen twijfel bestaan over de programmatische uitgangspunten van zijn verzen. We lezen op de achterzijde van het omslag: "De Weense ballade ... leent zich uitstekend voor korte weergave van het intense gedachteleven van de mens. In deze bundel treft de leergierige lezer een aantal psychologisch diepgravende observeringen aan, waarmee hij zijn voordeel kan doen in het omgaan met dit wezen, dat hij in niet geringe aantallen kan aantreffen in zijn directe omgeving."


Van een aantal interessante exemplaren van dit wezen die Jaap van den Born aantrof in zijn directe omgeving, zijn streng geregisseerde foto's gemaakt die de dichter als uitgangspunt nam voor zijn psychologische verkenningen in Weense-balladevorm. Boven de tekst van elke ballade staat de bijhorende foto die een bijna altijd geslaagde symbiose aangaat met Van den Borns vers dat vaak archaïsch van toon is (of juist provocerend plat), waardoor elke foto met tekst een volledig autonome positie inneemt in de bundel. Ik bedoel, ze passen perfect in de bundel, maar zouden het als losse entiteit ook uitstekend doen in een verzamelbundel of als reclame-uiting voor bijvoorbeeld klassieke lingerie of retrodropveters. Ook dat maakt Weense balladen tot een doordacht geconcipieerde bundel, met een wetenschappelijke benadering opgezet, wat de ondertitel ten overvloede onderstreept.

Van den Borns diepgravende observeringen hebben van hem geen vrolijke beschouwer gemaakt. Of heeft het bij hem in dit geval omgekeerd gewerkt? Heeft hij bij zijn reeds verinnerlijkte pessimistische mensvisie de passende afbeeldingen gezocht? Wie zal het zeggen? Want ja, zijn kijk op de homo sapiëns m/v is cynisch. De personen die in zijn verzen opdraven krijgen ervan langs, of misschien nog vaker: ze geven zichzelf ervan langs via hun gedachten en overwegingen. In het eerste vers zet de dichter meteen de toon.



Begeerte

Ik ben verzot op hele lange vrouwen
Met hoogtevrees
Ik wil alleen zo'n lange loeres trouwen
Met hoogtevrees
Ik heb ze altijd hooggeschat
Je krijgt ze zo eenvoudig plat
Vooral als ze je flat insjouwen
Met hoogtevrees

Geef mij dus maar zo'n lange lat
Met hoogtevrees

Weense balladen
bestaat uit drie afdelingen: Hartstochtelijk, Ons vrouwenhoekje en Portretten.
In 'Hartstochtelijk' is de focus gericht op de mannelijke medemens die er bij Van den Born bekaaid vanaf komt. Balladen met titels als 'Vreugde', 'Begeerte' of 'Uitdaging' suggereren iets positiefs maar bij Jaap Van den Born mag je op het tegendeel rekenen. Als de titel zelf al negatieve associaties oproept, levert het bijpassende vers keurig wat de titel belooft. Ter illustratie het vers op bladzijde 17, getiteld 'Dreiging'

Dreiging

Daar komt ze aan met al haar spek en hammen
Mijn tante Sjaan
Zij overschaduwt mij al met haar prammen
Mijn tante Sjaan
Waarna zij zich voorover bukt
Nu word ik van de grond geplukt
Ze klemt me aan haar kilogrammen
Mijn tante Sjaan

Ze heeft wat schedels ingedrukt
Mijn tante Sjaan

Dit gedicht brengt ons meteen naar afdeling twee van deze bundel, 'Ons vrouwenhoekje'. 24 dames hebben in evakostuum voor Van den Borns camera geposeerd. Voor de dichter wellicht een hoogst bevredigende exercitie, voor de vrouwen niet altijd een onverdeeld genoegen, gezien hun getormenteerde gelaatsuitdrukkingen. Via titels als 'Onterecht', 'Bevlogen', of 'Spijt' laat de dichter diepgaande psychologische analyses los op de geportretteerde dames en hun gedachtewereld. Het voert niet te ver om Van den Born een plezierdichter met misogyn talent te noemen. In een normale maatschappelijke context zou hij met veel van zijn teksten niet wegkomen, maar Weense balladen is kunst, en binnen die wereld genereren de balladen vanwege de ironie, vaak cynisme, een inspirerende vorm van verdraagzaamheid die in andere situaties geen kans van bestaan zou hebben. Voor mij blijft het dan ook de vraag wat er gaat gebeuren als deze bundel, naar aller verwachting, eenmaal het grote publiek bereikt. Heil- en hersenloze, van iedere gevoel van humor gespeende Sylvana-achtige zwartepietdiscussies over tot kunst verheven vrouwonvriendelijkheid sluit ik dan geenszins uit. Wat dat betreft kunt u het beste nu een bundel aanschaffen, voordat de Randstedelijke, moreel verontwaardigde onrechtbestrijders een verkoopverbod voor heel Nederland weten af te dwingen en de NS weigeren reizigers met Weense balladen in hun bagage te vervoeren. Wellicht zou onderstaand gedicht net door de beugel der onverdraagzaamheid kunnen.



Heel wat mans

Ze zeggen wel: de man die is een jager
Dat kan ik ook
Je ziet mij niet met lijstjes bij de slager
Dat kan ik ook
De man die temde ooit het vuur
Zo pocht hij, en hij schiep cultuur
En noemt zich daarvan zelfs de drager
Dat kan ik ook

En pissen tegen deze muur
Dat kan ik ook

Het laatste gedicht uit 'Ons vrouwenhoekje' getiteld 'Moderne man' is de opmaat naar afdeling drie 'Portretten'. Lees verder:

Subcategorieën

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Log in op de site

Forum (recent...)

Uit het archief

Het korhoen




Weer Zweedse hanen op de Holterhei
die Sallands laatste hennen moeten paaien.
Zolang de hanen geen victorie kraaien
kraait moord en brand de arme burgerij.

Wanneer komt er aan dit gebed een end?
Geen kip nog met een Støppelhǽn-accent.


(In april worden op de Sallandse heuvelrug opnieuw Zweedse korhanen (stoppelhanen) uitgezet om de inheemse populatie voor uitsterven te behoeden. )

Koop koop koop