Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

           
                          Voor Johan Andreas Dèr Mouw  

Je lijkt op iemand, en ‘k weet niet op wie.
Soms lijkt het of je ’n halve aardkloot bent.
Op boomstronken sjouw jij een continent 
door India, in een menagerie. 

Adwaita is je naam, de schildpad die
de maharadja zelf nog heeft gekend:
tweehonderdvijftig jaar balancement
en stil bioscopeert mijn fantazie. 

Tenslotte stierf je. Men behield je schaal
en een koolstofmeting moet nu gaan bepalen:
was jij het oudste dier ter wereld toen?

Er rest een schild vol korstmossen en gras.
Maar een Brahmaan herrijst steeds uit zijn as.
Ja, één keer nog je leven overdoen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

November (Utrechts sonnettrio)



Ik stond zojuist mijn blaas te legen
En bedacht me, vol van spijt:
Verloren zijn de prille wegen
Om te ontkomen aan den tijd

Verloren zijn de prille wegen
En ik ben mijn leesbril kwijt
De vaste lasten zijn gestegen
En we zitten zonder meid

De vaste lasten zijn gestegen
Niets is zeker, slechts dit feit:
Verloren zijn de prille wegen
Om te ontkomen aan den tijd

Ik moet nog naar de Jumbo toe
November geeft een hoop gedoe

Peter Knipmeijer

November geeft een hoop gedoe
Ik voel me vaak een man in nood
In bed lees ik dan Winnetou
Niet slapend denk ik aan de dood

In bed lees ik dan Winnetou
Hoe hij een mooie squaw volspoot
Was dat bij mij ook maar de clou
Een vrouw in bed, bij voorkeur bloot

Was dat bij mij ook maar de clou
Dat er iets vloeibaars mij ontvlood
In bed lees ik dan Winnetou 
Niet slapend denk ik aan de dood

Mijn rechterhand is mij bekend
Ik noem hem stoer ‘Old Shatterhand’

Bas Jongenelen

Ik noem hem stoer 'Old Shatterhand,'
Maar welke vrouw wil dat nou horen?
Het leven heeft mij niet verwend
Het heeft zijn pracht en glans verloren

Het leven heeft mij niet verwend
Ik zwelg en noem het voorts folklore
maar, ach, het oeuvre is bekend.
Het klingt en klangt wel naar behoren

maar, ach, het oeuvre is bekend.
De tijd laat langzaam van zich horen.
Het leven heeft mij niet verwend:
Het heeft zijn pracht en glans verloren.

Wat moet een mens nog met zijn degen?
Ik stond zojuist mijn blaas te legen.

Martijn Neggers

Koop koop koop