Hier sta ik dan, met één been in het graf
Er groeien levervlekken op mijn wallen
En mijn prostaat is net een skippybal

Ik heb een pens alsof ik moet bevallen
(Mijn kleren koop ik nu bij Prénatal)
En mijn geheugen is een gatenkaas

Ik ben, kortom, nogal een triest geval
En meer dan dit zit er niet in, helaas
Er rest mij slechts een lange rit bergaf

Men zegt dat het bij veertig pas begint
Ik hoop dat het een spoedig einde vindt

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De hittegolf



Als wapen tegen zwaar UV-geweld
draag ik twee zwarte glazen voor mijn ogen.
Ik heb me heel de dag nog niet bewogen
en lig met factor vijftig uitgeteld.

Een bladerdak biedt wel bescherming, hoor,
maar houdt met windkracht twee en zonkracht negen
zo’n eigenwijze Celsius niet tegen.
Die eist bij Paulusma een nieuw record.

Met water sproeien heeft totaal geen zin.
De tuin is dor, het gras is overleden.
De zomer komt met bakken naar beneden.
’t Is noodweer en ik zit er midden in.