Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Wat ben ik nat, ik weet wat komen gaat

Want ik heb vaker heet met jou gevrijd

Ik kreun wanneer je bij me binnen glijdt

Je bent mijn eigen vriend in het kwadraat

 

Ik hijg en sis terwijl ik wartaal praat

Bij jou word ik een geile jonge meid

Het lijkt of je mijn lijf in tweeën splijt

Er is geen man die mij zo zweten laat

 

Ik kronkel en ik sidder desperaat

Als ik voor jou mijn benen verder spreid

Dat ik zo klaar zal komen is een feit

Want ik bepaal het tempo en de maat

 

Dan roept mijn vriend, want die is tot mijn spijt

De batterijen van de zapper kwijt

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Leviathan





P
salm 74, vers 14 (Statenvertaling)
Gij hebt de koppen des Leviathans verpletterd;
Gij hebt hem tot spijs gegeven aan het volk in dorre plaatsen
.

‘O God’, dacht Hij, ‘ogottegot, waar Ik nóu toch mee vocht?
Een slang, een draak, een wallevis? Wat was dat voor gedrocht?
Dat beest was zelfs nog méér dan Ik: een zeven-enigheid!
Maar zijn karkas daar zit Ik mee; hoe raak Ik dat weer kwijt?’

Hoewel het zeker dood was zat er toch nog leven in
Als maden, pieren, kevers: ieder eind is een begin
Maar ondanks al dat leven, ieder met een levensvonk
Lag het al snel te rotten en het riekte en het stonk

Omdat het beest reusachtig was zat Hij er reuze mee
Maar volgens de psalmist kreeg Hij toen toch een goed idee
Hij voerde het Zijn uitverkoren volk op aan de dis
Het is maar goed dat niemand nu nog weet wat 'manna' is

Maar goed; de vraag 'Wie schiep dat beest, dat daar zo plotsklaps zwom?'
Die blijft, dus God kijkt op Zijn troon vaak schichtig achterom

Koop koop koop