Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Het is niet bronsgroen wat me zo bevalt

Die Euleteul, die Maes, die Christel Alken

Die Adelardus (waar je van gaat zwalken)

Die Grand Prestige en dat Venloosch alt

 

Die Imperator die zo lekker knalt

Christoffel en Romein die mij zo smaken

Die Bink en Wiekse die mij vrolijk maken

Kerkomse Triple waar je zo van lalt

 

Ik drink mijn Venloosch Wit liefst lekker kalt
Ik mag me graag aan Elfenbiertjes laven

Ik slurp mijn Korenwolf vol overgave

En Gladiator met de vuist gebald

 

Dat bronsgroen eiken, leuk voor in de tuin

Doe mij maar blond en amber, wit en bruin

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Braambos



’t Is tijd om bij de dominee de tuin wat op te schonen
Zo dacht het schaap Veronica; de herfst is in het land
De groenten zijn geoogst, de rode bieten en de bonen
En ook de hele preivoorraad ligt geurend in de mand

Dus toog ze nijver aan het werk met schoffel en met scharen
En harkte al het blad tezamen op een fikse hoop
De dominee sprak schuldbewust met brede armgebaren
Ik kan helaas niet helpen, schaap, we hebben straks een doop

Vooruit maar sprak Veronica: ‘k heb verder niets om handen
En werk hier in het zweet des aanschijns tot het derde uur
Die takkenboel en bladafval kan ik vast weg gaan branden
Met olie, krant en lucifers ontstond een stevig vuur

Het knapperde gezellig en het loof begon te gloeien
De wind stak op en plotsklaps liep het vuurtje uit de hand
Een rookpluim steeg zes meter hoog, je zag de vlammen groeien
Veronica schrok flink en gilde: Help toch mensen, BRAND!

Die kreet klonk onverwacht; men was de Here aan het loven
De dominee, de koster, heel het kerkvolk schrok zich lens
Het doopvont kwam ter plaatse om de vlammenzee te doven
Ach gut, riepen de dames Groen, de braam staat in de hens

Wat jammer nou, sprak dominee met rokerige stem
We halen bij de super wel een potje bramensjem

Koop koop koop