Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Het is niet bronsgroen wat me zo bevalt

Die Euleteul, die Maes, die Christel Alken

Die Adelardus (waar je van gaat zwalken)

Die Grand Prestige en dat Venloosch alt

 

Die Imperator die zo lekker knalt

Christoffel en Romein die mij zo smaken

Die Bink en Wiekse die mij vrolijk maken

Kerkomse Triple waar je zo van lalt

 

Ik drink mijn Venloosch Wit liefst lekker kalt
Ik mag me graag aan Elfenbiertjes laven

Ik slurp mijn Korenwolf vol overgave

En Gladiator met de vuist gebald

 

Dat bronsgroen eiken, leuk voor in de tuin

Doe mij maar blond en amber, wit en bruin

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

De poeët

Schept uit een wolk een sok
van God. Hij ziet de zon
als grote ploert, de maan als stuk
meloen en tijd als zee van zand
waarin hij zelf ontregeld strandt.

De dichter is ook wel een koe
loeiend van gezwollen vragen,
grazend in gevoelig gras
maar in zijn hart wou hij nog steeds
dat hij twee hondjes was.

Talend naar clichés in spe
speelt hij zoetjes in zijn eigen
hutje of hermetische paleis.
Zijn rede geeft de zekerheid
te schrijven voor de eeuwigheid.

In die staat van veel genade
legt hij daags een inktvers vers,
soms ongerijmd, soms rijm erin.
En zo vermaakt hij zich en ons
en spelt gewoon zijn eigen zin –

Koop koop koop