Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent





Ik hunker slechts naar dit:
Een bintje, aan een spit gespiesd
Met uien afgebiesd
‘Wie’, vraagt u honend, ‘kiest hiervoor?’
Zelfs bij dit kruisverhoor
Wordt stevig door mij doorgepit


Je bent er zo met het vliegtuig, Vietnam. En we kunnen de Reis niet afmaken zonder het Oosten, anders is de naam ‘rond de wereld’ niet waargemaakt, dus daar zijn we dan.
Dit wordt een makkie, dacht ik, want volgens John Hollander in zijn Rhyme’s Reason, a guide to English verse kennen ze hier een versvorm, de Luc-bát, met een schakelrijm, afwisselend in 6 en 8 lettergrepen (Luc-bát betekent simpel ‘zes-acht’) dat net zo lang mag worden als je wilt.
Hij geeft een voorbeeld dat wel wat wantrouwig stemt door de onlogica en inderdaad; even navragen (is die taalcursus toch niet voor niets geweest)  bij een Vietnamees met een bril op leert dat hij een belangrijk voorschrift vergeten is: elk rijm moet drie maal voorkomen, wat inhoudt dat de slotregel rijmt op een rijm dat in de eerste twee regels optreedt.
Dat komt omdat de regel luidt dat het eerste rijm optreedt aan het eind van de eerste achtlettergrepige zin, dan aan het eind van de daaropvolgende zeslettergrepige zin en daarna  in de zesde lettergreep van de daaropvolgende achtlettergrepige zin. En als ik lettergrepen zeg bedoel ik dus jamben of iets dergelijks. Mannelijk waarschijnlijk. Hier kun je mee doorgaan zolang je wilt en de slotregel krijgt dan het eerste rijm dat gevolgd wordt door de rijmen van de eerste twee regels (Weglopen heeft geen zin, de deuren zijn dicht).
Het is dus niet zo simpel als Hollander dacht en dat blijkt ook wel uit mijn voorbeeld, dat stukken beter kan. Doe je best. Hier nog een mooi schema:

_ _ _ _ _ c

_ _ _ _ _ c _ a

_ _ _ _ _ a

_ _ _ _ _ a _ b

_ _ _ _ _ b

_ _ _ _ _ b _ c

 

 

 

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

In syner handt



In de reeks De geschiedenis van de Nederlandse taal in 196 sonnetten , het twaalfde deel over een sonnet van de vermoedelijke schrijver van ons volkslied, wiens naam jullie vast allemaal paraat hebben. Om te helpen staat er een plaatje van hem bij. Klik hier voor het artikel.

Koop koop koop