Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Mijn bladerloze schaduw mijdt het water
En speurt de witte angst van eeuwen later

Ik wend mij af en doof mijn vale lichten
Ik heb een rein geweten zonder plichten

Mijn weemoed maakt de koele vlinder wakker
Van mij, getooide zelf, een dorre akker

Ik zie mijn grijze droefheid aan de kim
Die daar zo heilloos zit, o naakte schim

Aan wie'k mijn zachte treurnis zeg, in stromen
Als dauw die druppelt van de trage bomen

Zo druppelt in dit hart tezeer gehavend
Een droeve snik die glinstert in de avond

O, zie, hoe klaar en koel mijn schamelheid
In 't land van regen tot een bad bereid


Voor wie nu wezenloos voor zich uitstaart, klik hier voor een volledig begrip.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Knolzwam (Tripel)



De man en zijn vrouw en hun hond
Die hond hadden beiden al even
Het beest weegt ruim tweehonderd pond
Dat was voor het stel een gegeven

De hond van de man en zijn vrouw
De vrouw was in ‘t koken bedreven
Haar man was haar jaren ontrouw
Ze heeft hem veel knolzwam gegeven

De vrouw en hun hond en haar man
De man is nu niet meer in leven
Zij gaat naar zijn graf nu en dan
Omdat ze om hem heeft gegeven

Koop koop koop