Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Het is de juffrouw in het trapportaal
Het zijn de motten in een oude jas
Het is de grijze trui en rode sjaal
Het is de droom die zo waanzinnig was

Het is het rijtuigie een dag in maart
Het is het hoorngeschal in berg en dal
Het is de ansichtkaart met kar en paard
Het is het bord spaghetti met een bal

Het is het clubje met de mandolien
Het is de vlo die in het circus sprong
Het is de bakkersdochter Josefien
En al de liedjes die ik voor haar zong

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Wielergedichten: Bert Oosterbosch

Hij was het wat labiele zondagskind.
Die lange slungel met dat rode haar;
Bert fietste hoe dan ook in tegenwind.

Hij was dus – wat je noemt – onhandelbaar
maar schudde wel als wereldkampioen
Francesco Moser stevig door elkaar.

De temporijder gaf hem van katoen,
werd onder Peter Post tot held gekneed.
Hij trapte door, het hele fietsseizoen

en reed zichzelf voortdurend in het zweet
– in Duinkerke, de Panne en de Tour –
met hersenvliesontsteking aan de meet.

Een stille jongen, geen geouwehoer;
hij fietste zelf zijn lichaam naar z’n moer.

 

Koop koop koop