Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Dichters, we lezen ze met droge ogen:
Een Vegter, Nolens, Benders, Oosterhoff.
Waar zijn de tijden van het hartebloed?
De zielepijn, de traan en dat soort werk.
Waar de gezangen van het mededogen?
Verweij, Van Deyssel, Gorter, Kloos of Perk?
De litanieën, waar? Voorbij. Voorgoed.
Een zakdoek vangt vandaag nog enkel stof.

Het bloed werd gruis. De tranen werden glas.
Verlies en stukgaan voelt nu tweedehands.
Het leed werd leed van bordkarton. Te koop.
Deels nog als dagboeksmart. Van droefenis
Kwam grimas , gil en wrede pijn. En masse
Verdoezelt men nu weemoed en gemis.
Per stuk, zoals je wil. Azijn werd stroop.
En Pfeijffer: Dichter nu des Vaderlands.

De dichter, heden, is een zonderling
Die weeklaagt in een martelend gekrijs.
Hij hangt de paljas uit voor zijn publiek
En speelt voor praktiserend psychiater.
Wat blijft: bezetenheid om één, één ding
Terwijl hij lamenteert in het theater.
De wonden die hij likt. En de muziek
Die klinkt bij het aanvaarden van een prijs.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Parachuutjes (voor de kenners)



En wie zich op een korrel heeft verschanst
en deze daardoor als de wereld ziet
heeft mogelijk een veldslag in ‘t verschiet
en mist het zout dat op de frietjes danst.

Maar lijnen zijn in speelsheid niemendal
En kijk, daar gaan mijn parachuutjes al.


De Nederlandse Taalunie heeft besloten om Judith Herzberg dit jaar de Prijs der Nederlandse Letteren toe te kennen ~~~ Het snelsonnet is een lofdicht in de vorm van een pastiche: Er zijn regels/beelden uit enkele van haar gedichten in opgenomen (Deut.20, Hiernamaals, Ouderdom).

Koop koop koop