Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Ze raken  niet, hun speelse twijgen,
beroeren slechts dezelfde lucht.
Doch heen en weer gaat bladgerucht,
een zomer lang zal het niet zwijgen.

In herfstig loof, hoor hoe zij zucht,
de eik ziet haar naar hem toe neigen.
Ofschoon de maanden dagen rijgen,
draagt al haar pogen nimmer vrucht.

Hoe moet zij hem toch overtuigen
- wijl winter door hun kruinen blaast -
om ook een tak naar háár te buigen?

Maar dan schenkt lente hem nieuw blad
en één ervan kust 't blad ernaast
wiens groen komt uit een ander bad!

 

Er bestaat ook een gezongen versie van dit sonnet, te beluisteren op http://veradebrauwer.punt.nl/ 


 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Naar een idee van Jeroen Brouwers




Een goed idee, zo’n drankkast op je steen!
Een sleuteltje kreeg ieder van mijn vrinden.
’t Zijn Zeeuwen, zuinig, dus is iedereen
voor gratis schnaps hier nog een tijd te vinden.

Dacht ik. Maar nee, ’t zijn happers, een voor een:
wel zelden zag men drank zo snel verzwinden!
Al na een dag lag ik weer, doodalleen
in rust en stilte vredig te ontbinden.

Doodstil en doodalleen? O neen.
Vertroostend ruisen boven me de linden
en aanspraak heb ik hier van menigeen
die, net als mij, geen zon meer zal verblinden.

In geur van heiligheid stierf deez’ en geen.
En ik ging, ach, in geur van jajem heen.

Koop koop koop