De pleiade is bedacht door de Britse schrijfster en dichteres Vera Rich.

De vorm ontleent zijn naam aan het zevengesternte in het sterrenbeeld Stier en bevat zeven coupletten.

De eerste twee regels worden in de volgende coupletten herhaald op de manier als in het voorbeeld, ze blijven dus op hun plaats. Elke regel is een jambische pentameter, dus de herhalingen hebben respectievelijk 4, 4, 2, 4, 4 en 2 lettergrepen.

.

Rijmschema

ab ab ab Ab ab ab aB


Overige informatie

Wie het zich minder moeilijk wil maken dan ik gedaan heb, zorgt ervoor dat de afbrekingen niet midden in een woord vallen, maar het leek me aardig, als extra handicap, uit te gaan van  bekende dichtregels in het openingscouplet. Dat maakt deze vorm een stuk spannender.

 


Meer informatie


Derde dinsdag van september

 

Ik ween om bloemen in de knop gebroken

En voor de ochtend van haar bloei vergaan

 

Ik ween om bloedjes die op ongewroken

En hulpeloze arme bloempjes staan

 

Men roept wel dat m’n in de knop gedoken

Geknakte bloem, geen grond is voor een traan

 

En dat een nieuwe tijd is aangebroken

Waarin men mietjes zoals mij zal slaan

 

De woede van het volk is snel ontstoken

En voor de ochlocraat* breekt nu ruim baan

 

En net heeft onze Majesteit gesproken

(En droomde zuchtend van háár bloeitijd, aan

 

De tijd van warmte in haar kille knoken)

Ach, hoe dan ook zal het mij slecht vergaan

 

*volksmenner


(Jaap van den Born, uit: Een reis rond de wereld in 80 versvormen)


 

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Braambos



’t Is tijd om bij de dominee de tuin wat op te schonen
Zo dacht het schaap Veronica; de herfst is in het land
De groenten zijn geoogst, de rode bieten en de bonen
En ook de hele preivoorraad ligt geurend in de mand

Dus toog ze nijver aan het werk met schoffel en met scharen
En harkte al het blad tezamen op een fikse hoop
De dominee sprak schuldbewust met brede armgebaren
Ik kan helaas niet helpen, schaap, we hebben straks een doop

Vooruit maar sprak Veronica: ‘k heb verder niets om handen
En werk hier in het zweet des aanschijns tot het derde uur
Die takkenboel en bladafval kan ik vast weg gaan branden
Met olie, krant en lucifers ontstond een stevig vuur

Het knapperde gezellig en het loof begon te gloeien
De wind stak op en plotsklaps liep het vuurtje uit de hand
Een rookpluim steeg zes meter hoog, je zag de vlammen groeien
Veronica schrok flink en gilde: Help toch mensen, BRAND!

Die kreet klonk onverwacht; men was de Here aan het loven
De dominee, de koster, heel het kerkvolk schrok zich lens
Het doopvont kwam ter plaatse om de vlammenzee te doven
Ach gut, riepen de dames Groen, de braam staat in de hens

Wat jammer nou, sprak dominee met rokerige stem
We halen bij de super wel een potje bramensjem

Koop koop koop