Even opletten: dit is één gedicht, bestaande uit twee sonnetten die ook onafhankelijk van elkaar gelezen moeten kunnen worden. Er treden dus drie wendingen op: één na het octaaf, één na het eerste sonnet; één voor het sestet.  De indeling van de strofen is 4,4,7,7,3,3. Het tweede deel van het buitensonnet moet verband houden met zowel het eerste deel als het slot van het binnensonnet. Rijm en metrum zijn vrij, alleen de omkering van de laatste drie rijmklanken van de eerste helft van het binnensonnet in de tweede helft daarvan is verplicht, zoals cursief aangegeven in het rijmschema.


Rijmschema

bijvoorbeeld: abab cdcd efefghi ihgjkjk lml mnn


Overige informatie

Help mee en lever informatie aan.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

De wind vertelt



hij staat hier klein en eindeloos te wachten
zo deerlijk kwetsbaar blauw – maar hij verbleekt
vaalwitte vogels stalen ooit zijn krachten
de wind vertelt: hier huist een hart dat breekt

zo deerlijk kwetsbaar blauw – maar hij verbleekt
en ik zak altoos dieper in de dagen
de wind vertelt: hier huist een hart dat breekt
hij legt zich neer – ik hoor het zachte klagen

en ik zak altoos dieper in de dagen
er kleeft een datum aan z’n ondergang
hij legt zich neer – ik hoor het zachte klagen
de wind: verlos hem van zijn zwanenzang

er kleeft een datum aan z’n ondergang
vaalwitte vogels stalen ooit zijn krachten
de wind: verlos hem van zijn zwanenzang
hij staat hier klein en nodeloos te wachten

Koop koop koop