Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Ik zie de nimfen voor mijn oog ontluiken
ze kijken in hun prille schuld naar mij
met strakke truitjes boven blote buiken
en zien me telkens in mijn krantje duiken.

De ene na de ander gaat voorbij.
Ik kijk van voor naar achter en opzij;
de lente laat me nieuwe bloemen ruiken
met flarden van een pas gemaaide wei.

Maar dan, wat mocht ik willen met zo'n kuiken
dat nauwelijks ontsnapt is uit het ei
nog in het dons, van alle butsen vrij?

Nee, laat het schaap zich eerst maar eens misbruiken
door vader, vriend, door heel de maatschappij –
ik sluit wel aan hoor; achterin de rij.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Pleiade 1




SONNET  Albert Verwey revisited 

Ik ben gestemd om een sonnet te maken
Teêr-blauw als mij Japanse verzen lijken

Ik ben gestemd om je heel diep te raken
Kumiko, passie wil ik laten blijken

Kun jij, o seksbom, een sonnet wel smaken
Of geef je slechts om lichtere praktijken?

Sonnetten zijn niet in een wip te maken
Wat ben je mooi, je zwarte haren prijken

Op dat verleidelijke zijden laken
Teêr-blauw als mij jouw ogen nu bekijken

Je lippen lonken als een kersrood baken
Ik wil naar jouw Japanse verte wijken

En moet mijn dichtersgeest alweer verzaken:
Sonnetten zouden kittelverzen lijken


*) Eerste twee regels uit: Sonnet, aan Frederik van Eeden; Albert Verwey


 

Koop koop koop