Klaas hoorde stemmen in zijn hoofd
en is toen van zijn werk gebleven.
Hij zaagt en timmert bij het leven,
omdat hij erg in iets gelooft.
Hij zwoegt daarachter bij de sloot
met planken, spijkers en panelen
en allerhande onderdelen
die horen bij een flinke boot.
Het bouwsel vordert wonderwel
Klaas zweet en hamert als de hel,
terwijl hij smeekt om ’s hemels zegen.
Het is gedaan, de ark is klaar,
Klaas klimt er in en zit daar maar.
Het wachten is nu op de regen.
Ter nagedachtenis aan Herman Pieter de Boer
9-2-1928 - 1-1-2014 Uit: Louter streelzucht en
andere sonnettines, Uitg. Fontein1982.

Wikimedia Commons (foto: Gerard Hesen)
