Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Ik lach me dood nog voor ik het besterf
Het Klaasfeest krijgt een nieuwe kleurencode
Het pietenzwart gaat dit jaar uit de mode
Er is een run op HEMA vingerverf

Ik lach me rot, ik hou het echt niet droog
Kijk al die Pietjes paarse strepen trekken
Ze kleuren zich met rood-geel-blauwe plekken
Kijk daar, een groene klodder in je oog

Het maakt niets uit, uw Sint is kleurenblind
De kleintjes worden vrolijk ongevraagd
In stad en land, in wijken en in dorpen
Tot zingen en tot springen uitgedaagd
Aan heerschappij en knechtschap onderworpen
Een Piet is altijd zwart, dat weet elk kind

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De ark van Noach



Mijn hoeven zijn dan weliswaar gespleten,
maar omdat ik mijn voedsel niet herkauw,
mag geen gelovig mens mijn lichaam eten.
Daarbij, ik heb te veel in drek gezeten.
Zo’n modder wroetend beest, wie eet dat nou?

Dus hoor ik tot de kaste der onreinen.
De ark bevat daarvan één paar, niet meer.
Het is wel zielig voor de andere zwijnen,
die zullen van de aardbodem verdwijnen,
maar met mijn zeug ben ik een blije beer.

De reine beesten zijn met zeven paren.
Veel runderen en schapen heb je hier.
Dat heeft bij nader inzien veel bezwaren:
de rammen willen met één ooi slechts paren.
en zeven koeien vechten om één stier.

Ik lig hier met de moeder aller zeugen.
Ze ligt wellustig bij haar liefste beer.
Die onverwachte boottocht zal ons heugen:
we houden van elkaar met volle teugen
en als het even kan gaan we tekeer.

In onze tweezaamheid drijft niemand wiggen,
maar Noach haalt ons dikwijls uit elkaar.
Zijn ark is veel te klein voor extra biggen.
Dus zegt hij dat wij rustig moeten liggen,
maar daar staat onze varkenskop niet naar.

De nieuwe wereld kent nog geen gezinnen
behalve ons, de trotse pap en mam.
Wij wroeters zijn gereed om te ontginnen.
De drooggevallen aarde laat ons binnen.
Droog stonden ook de stier, de bok, de ram.