straattaal,

  • Die applebottom (Een story)



    Jantje zag die applebottom
    Van die spange spandexho
    En hij wou die tanga ballen
    Ook al was ze van zijn bro

    Fokkit, zei hij, want mi brada
    Zit toch in die jilla, aight
    Hij kan mij nu toch niet met zijn
    Pipa poppen, fok die shait

    Maar ik ben geen backstabtype
    Hij dronk aan z'n ginger beer
    Effe tjappe, jonko smoken
    Dan ik klop me eigen spier

    Weg ging Jantje, naar die shoppa
    Maar die smatje was niet doof
    Die zei, fokkit, ik wil bana,
    Klaasje zit voor tasjesroof

    Hij heeft mij gezegd dat ik
    Kon doen en laten wat ik wou
    En nu wil ik kokkie geven
    Boi, ik zuig je ballen blauw

    Daarop ging ze aan 't schudden
    Hoofd naar onder, bil omhoog
    Later batsen, badaptaki
    Jantje hield het niet lang droog

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Utrechts sonnet 3



Het najaar valt en wolken drommen samen
De vogels trekken naar het zuiden toe
Ik weet nog dat ze in de lente kwamen
En hoe de tijd vervloog, het maakt me moe

Ik weet nog dat ze in de lente kwamen
Vanuit het niets, ineens, geen mens wist hoe
Ze floten en ze krasten onze namen
En riepen op tot moord en amour fou

Ze floten en ze krasten onze namen
Het werd een drama en een hoop gedoe
Ik weet nog dat ze in de lente kwamen
En hoe de tijd vervloog, het maakt me moe

Gelukkig is er kaas en rode port
Ik eet en drink en zie wel wat het wordt.