een jonge boer zit eenzaam aan ’t ontbijt
hij roert zijn yoghurt tot het langzaam schift
vult leegte met verlangen naar een meid

hij wil ook vlekken van een lippenstift
en borsten boterzacht en suikerzoet
van binnen bonkt een ongekende drift

zijn handen jeuken, wangen krijgen gloed
al zegt de bijbel duizendeen keer nee
de lente prikt zijn mannelijk gemoed

hij schrikt – daar piept een telefoon – dag hee
zeg zeit ge niet dat vrouwke van teevee
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Ode aan mijn tweelingbroer

 

Mijn tweelingbroer werd nooit geboren

Hij zag niet eens het levenslicht

Dus niemand zag ooit zijn gezicht

Of zal ooit van zijn daden horen.

 

Hij zou de vrouwen zeer bekoren

De mooiste was voor hem gezwicht

Hij had natuurlijk overwicht

En zou het mooiste doelpunt scoren.

 

Hij kwam in menig nieuwsbericht

Als soort van superman naar voren

Want hij verdiende wel zijn sporen.

 

Het is mijn dure dichtersplicht

Dat ik hem hier voor dit gedicht

Als onderwerp heb uitverkoren.