Het avontuur en horizonten lokken
het vrachtschip door het Engelse Kanaal,
het scheepsjournaal vermeldt: vandaag vertrokken.

De dekknecht heeft zijn eerste avondmaal
reeds aan de woeste golven prijsgegeven,
de scheepskat gaat met restjes aan de haal

en zo begint het ruige zeemansleven.
Gezuip, geduvel om een jongenslijf
van boegspriet tot de strakke achtersteven:

de stuurman vloekt de bootsgezellen stijf.
Op ’t voordek zwiept de kat met negen staarten,
een hand jaapt aan het scherpe schippersnyf.

Kaap Verdië voorbij zeilt het gevaarte,
de opper en de waak lezen de kaarten.

Ben Hoogland

 

 



Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Goes

Ballade1

Al wordt alom de lof bezongen
van feeën uit Heerhugowaard,
van gratiën uit Oude-Tongen,
van engelen uit Kudelstaart,
de schat aan schoons uit Dedemsvaart,
Hoog-Soeren, Zutphen en Slagharen,
hoe fraai ook, en terecht vermaard -
de Goese meiden zijn je ware.

Al heb ik eertijds, zij het even,
aan Joyce uit Hank mijn hart verpand
en deelde ik een uur mijn leven
met Gwendolyn uit Swifterbant,
een dag met Lien uit Loon-op-Zand,
een week of wat met Loes uit Laren
(of was het Floor uit Flevoland?) -
de Goese meiden zijn je ware.

In Goes bevindt zich, kom maar kijken,
een heuse schoonheidskoningin,
de eerste onder haar gelijken,
een vamp, een Venus, een godin!
Zij vangt de blik, streelt ziel en zin
van mannen, jong en oud van jaren;
je houdt je pas, je adem in -
de Goese meiden zijn je ware.

Envoi

O Casanova's, Don Juans,
van schonen die haar evenaren
krioelt het hier; kom, grijp uw kans! -
de Goese meiden zijn je ware.