Welkom, Gasten
Gebruikersnaam: Wachtwoord: Onthoud mij

Onderwerp: HET GROTE MOTEL AAN DE SNELWEG

HET GROTE MOTEL AAN DE SNELWEG 23 apr 2013 13:46 #1

  • Hans Mooi
  • Hans Mooi's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 532
  • Ontvangen bedankjes 462
(parodie op 'Het kleine café aan de haven' van Vader Abraham)


HET GROTE MOTEL AAN DE SNELWEG

Daar ligt aan de snelweg aan ‘t eind van de afslag
een poenig en lelijk motel.
De neonreclame liegt vele beloften
in kleuren te vals en te fel.
De mensen die daar een parkeerplaatsje zoeken
zijn prikkelbaar, moe en nerveus.
Gaan haastig naar binnen al telefonerend
het uitlaatgas nog in de neus.

Daar in dat grote motel aan de snelweg
waar het verkeer al maar jakkert en raast,
daar uit dat grote motel wil men snel weg,
na een hap of een wip met veel haast.


Twee jongens in driedelig zwart spreken ernstig,
hun houding is stoer en blasé.
Het gaat over beurs en computers en opties,
ze lijden nog steeds aan acne.
De kranten zijn somber. De sla en de friet en
de koffie na afloop zijn slap.
De kassajuffrouw rekent zakelijk af
en lacht braafjes om iedere grap.

Daar in dat grote motel aan de snelweg
waar het verkeer al maar jakkert en raast,
daar uit dat grote motel wil men snel weg,
na een hap of een wip met veel haast.


De bloemen van plastic, het koekje in plastic
en plastic muziek uit de muur.
En als je bekijkt wat je krijgt voor je geld,
wees nou eerlijk, wat is het dan duur!
Een man met een dame veel jonger dan hij
huurt een kamer voor slechts een paar uur.
‘t Is bepaald niet zijn vrouw maar zijn poen compenseert
zijn vies vadsig volvette figuur.

Daar in dat grote motel aan de snelweg
waar het verkeer al maar jakkert en raast,
daar uit dat grote motel wil men snel weg,
na een hap of een wip met veel haast.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Bedankt door: Bas Boekelo, Joke de Groot
Tijd voor maken pagina: 0.083 seconden

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Uit de nalatenschap van Herman J. Claeys: Titelloos

Er woont een kip te Anderlecht
Die altijd bij een ander legt,
Zelf kan ze niet aan 't broeden gaan:
Ze reist te dikwijls naar Den Haan.