Met spierkracht wordt iets serieus verricht, een monotype gietmachine staat klaar. De eikenhouten kasten zijn loodzwaar, want Dante, Walbaum geven hun gewicht
aan onderkast en kapitaal. Maar licht kabbelt de Haesbeek, voorziet wonderbaar in blaadjes voor de zetbok (het bête noire), die vullen zich met proza of gedicht.
Hij zet zich aan het werk. Als een dompteur dresseert hij 't zetsel, laat de pers zacht grommen en alles wat hij maakt is een primeur.
Zijn Tinkerlady trekt de draadjes door (al was ze liever op haar paard geklommen). Daar ben je immers maatjes voor.
Het is vandaag zeven jaar geleden dat Patty Scholten overleed.
Bovendien is het vandaag ook de Dag van de Drukkunst.
Dit sonnet schreef Patty voor Kees Thomassen - helaas ook niet meer onder ons - die beter bekend als De Uitvreter vele bibliofiele uitgaven het licht liet zien. Het sonnet verscheen als nieuwjaarswens voor het jaar 2012 namens De Uitvreter & Tinkerlady. Het papier werd niet de Haesbeek, dat was reeds uit de handel, maar de Simili Japon, en de titel op de kaft werd niet uit de Walbaum maar uit het Rondo lettertype gezet. Opdat u het maar even weet.
Ik wou je een bos rode rozen schenken Maar kon me toch nog net op tijd bedenken Je zult het moeten doen met dit gedicht Want ik zal binnenkort weer moeten tanken
Nieuwjaar stond in het teken van de plannen, dan zijn wij als familie stoer en sterk. We zouden ons vervrouwen en vermannen, het ging er na twee weken al om spannen: een goed begin, maar altijd weer half werk.
Strijdlustig was de start in januari, toen ieder zijn intenties had verklaard. Er werd gepocht met branie en bombarie: safari in Ferrari met Campari, hieronder volgt de tussenstand in maart.
We gaan niet aan een Costa zonnebaden, niet Vonkje spelen in een tropisch bos, zien af van Himalayaheldendaden. Ver Borneo werd Born, Madeira Made, Ossetië veranderde in Oss.
Er wordt steeds minder tijd besteed aan sporten, geslonken zijn ambities en het geld. Freek blijkt zijn marathons flink in te korten, Henks hordelopen gaat gepaard met horten, Kims streefgewicht is drastisch bijgesteld.
René had hinkstapspringen als ambitie, gedreven door zijn kangoeroe-instinct. Hij was in een belabberde conditie, verstapte zich al snel een ietsepietsie, zodat hij nu al weken enkel hinkt.
Corné begon zijn broosheid te beseffen, aan sporten deed hij zogezegd geen bal. Toch hoopte hij zijn broers te overtreffen, hij wilde in de sportschool halters heffen, maar kwam aldaar niet verder dan de hal.
Hans en Marie zijn dol op retoriek. Of zij nu nuchter zijn of in de olie, het leidt hen tot fysieke polemiek. Hun doel was de lokale politiek, ze strandden in de plaatselijke poli.
Marina wou haar kerel imponeren, ‒ ze kreeg met kerst een heuse Moulinex ‒ ging appeltaart en sushi uitproberen, ze wilde in de keuken excelleren, het bleef bij het begin: alleen een ex.
Henk voelt zich door de overheid verraden. Geen huis voor hem? Dat is toch te bizar? Hij formuleerde grootse heldendaden, hij wilde strijden op de barricaden, maar strandde door zijn drankzucht in een bar.
Zo werd het niet wat ieder had gehoopt, ons zijn de eerste loodjes al te zwaar. Ik weet niet hoe zoiets bij u verloopt, wij zijn intussen allemaal gesloopt, maar kijken alweer uit naar volgend jaar.
Ze zijn om vijf uur ’s nachts al uit de veren, begeven zich in stilte naar de kerk en wijden zich daarnaast aan werelds werk om geld voor hun abdij te genereren.
Al steken mensen vele kaarsjes op en kopen zij geregeld rozenkransen, toch zagen deze paters eerder kansen met zuiver water, gerstemout en hop.
Ik mijmer bij zo’n glas vol zonneschijn: wat voelt het goed om donateur te zijn!
Door stormwind kwam een hop uit Echt toevallig in Den Haag terecht, waar hij zijn grote liefde vond. Nu hopt en vliegt hij zingend rond, als trotse vader in zijn nopjes met zeven Echtse Haagse hopjes.
Ik weet allang niet meer hoe of ze heetten Ik denk Suzan, of Maaike, was het Bep? Op Tinder of op Parship in de app Maar hun gezicht ben ik helaas vergeten
En op die site voor hoger opgeleiden Dat durfde ik natuurlijk best wel aan Daar hadden Ellemiek, Elise, Sjaan Veel babbels, voordat onze wegen scheidden
De ommetjes door bos of over ’t strand Ik zou ze achteraf niet kunnen tellen En altijd dagje later even bellen Zo hou je ze het beste in de hand
Hoe vaak ik wel niet samen heb ontbeten Ik hoor u zeggen:’Mán wat kandidáten!’
We vielen ooit in dubbelzijdig tape En kleefden sinds die dag zo innig samen Dat yin en yang bij ons op cursus kwamen We waren als het pompje en de zeep We liepen onopzettelijk synchroon En zaagde ik een plankje voor mijn boeken Was jij al de verbanddoos aan het zoeken We waren als de sperzie en de boon Ik wist na ‘schat..’ al wat je van me vroeg De wasmand bij de gangdeur zei genoeg
Lectio latina Onder mijn neus groeiden Twee plukjes dons Daar ik veel last had van Onderoplettendheid Kwam ik niet verder dan Tam Pax Tam Pons* -/- Puistige jongeling Schoonheid in spiegelbeeld Amor kwam langs en Liep lachend voorbij Nog niet behept met een Testosteroncomplex Was er slechts voetbal En scouting voor mij -/- Derde gymnasium "Waarom ontloopt ge mij?" Ik was Narcissus En Echo was jij Wij snapten niks van die Metamorfosequatsch Knuffelden stiekem Het tweede uur vrij -/- Bromfiets en basgitaar Meisjes in overvloed Ik zat gebamzaaid – Althans in mijn hoofd Tot ze mijn hart met haar Allesverstillende Echostem eeuwige Trouw had beloofd *onzinkreet, betekent zoveel als: "Zo de vrede, zo de brug"
Hal RoachStudios, Public domain, via Wikimedia Commons
Geen slapstick die ik zo frequent bekeek. Als kind vond ik hun kolder pure fun. Hoe zwart of wit het leven wel eens leek, ze steunden elkaar steeds door dik en dun. Helaas, wat ooit een mooie vriendschap was, verzandde in een einde zonder kleur door vrouwen, geld, maar ook obesitas. Ze konden niet meer samen door één deur.
Het is vandaag weer overvol: migraine, astma, buikpijn, griep, paniekaanval, cholesterol, een indigestie, een poliep. Er wordt geleden en getreurd, men voelt zich depressief en moe en zit te wachten op zijn beurt, een enkeling tot bloedens toe. Mijn rol? Ik zorg voor wat vermaak, zo’n ziekenboeg moet opgepept, mijn spelletje valt in de smaak: ‘Ik heb ik heb wat jij niet hebt.’ Dan moet je raden van elkaar met welke kwaal de ander tobt. Ik heb met krukken en brancard al vele wachtenden gefopt. Mitella om mijn elleboog, een angstaanjagend hoestprobleem, een gipskraag, een bepleisterd oog, terwijl ik kom voor mijn eczeem. Het wordt steeds schalkser toegepast, het is gegroeid tot fenomeen, of men nu maalt of moeilijk plast, men veinst zich doof of slecht ter been. Er wordt geanimeerd gegrapt, we lachen ons een deuk, een bult. Soms is een kneus zo opgeknapt dat hij vertrekt vóór het consult.
Zo'n tochtje in de skilift is genieten De beugel dicht en langzaam stijg ik op Het uitzicht naar de hoogste top is top Een witte wereld met wat groene sprieten Verheven zweef ik even door de bergen Ik voel me rijk in Oostenrijk vandaag De pistes kregen 's nachts de volle laag Daar dansen nu wat uitgelaten dwergen Een skiër roept grüß Gott als hij me ziet Ik schrik: zo hoog ga ik toch ook weer niet?
‘Vertel eens, Rem, hoe zat dat nou met buitenspel?’
Vroeg na de match kantinejuffrouw tante Nel
‘En interesseert die rode kaart je echt geen biet?’
‘Ach Nel, hij ging zijn boekje elke keer te buiten
Ik snap dan ook die man in ’t zwart gewoonweg niet
Hij floot voor ieder wissewasje razend snel
En trok na ieder commentaar steeds aan de bel
Terwijl hij na een doodschop verder spelen liet
Oké, ik ging mijn boekje mogelijk te buiten
Ik had me achteraf veel wijzer moeten uiten
Me laten gaan op die manier was niet zo best
Maar ja, hoe kon hij nu tot buitenspel besluiten?
Ik voelde me daarom verplicht mijn gal te spuiten
Met: Hondenlul, krijg nou toch gauw de builenpest!’