’k Zie schapen, witgewold, ’k Zie rid- en runders draven, ’k Zie vo- en vlegels zich Aan wa- en bitter laven. Al is de stad ook vol van stu- en decadente’ Die speel- en alcohol Verkiezen boven lente, U, boe- en kippen-ren, U, lust- en korensc-hoven, U, var- en vlinderken, U stel ik ver daarboven! In ’t mooie voorjaarsweer, Gaan bloe- en ramen open, ’k Zie ieder met een bloem, Zelfs schoo- met anjers loopen, ’k Zie ei- en beuken staan, En dreu- en andre musschen. Wijl lij- (geen vrijsters!) slaan, ’k Zie kro- en meisjes kussen. En mensch en kunstenaars Zij dragen en zij eten Veel flam- en waterbaars, Bij ’t hij-, zij-, zwijgend zweeten. Geen pneu- slechts harmonie: De tweedracht wijkt voor vrede, De ru- voor poëzie, Juicht kin- en ouders mede! Want len- en warmte is daar, Mijn geest stijgt op, naar boven, ’k Wil nat- en morgenuur Met vul- en lippen loven!
Ter herinnering aan Charivarius (Gerard Nolst Trenité)
20-7-1870 -9—10-1946
Uit: Ruize-rijmen, Uitg. H.D. Tjeenk Willink & Zoon 1922
altijd een klus of een probleem te fiksen, we zijn gericht op doel en resultaat, vergeten bezigheid met rust te mixen.
Daarnaast is er de prikkeloverdaad, u krijgt geen kans om nutteloos te niksen: sociale media van vroeg tot laat, u zit te Instagrammen en te X-en.
U wilt een tijdje niets, maar weet niet hoe? Ik heb een tip die u zal kunnen baten: STOP NU met lezen en negeer de clou, als oefening om prikkels los te laten.
(pauze)
Hebt u de kracht hiervoor niet opgebracht? Dan bent u toch verslaafder dan ik dacht.
Een mus sprak tot een rat in Gent: “Je bent beslist een leuke vent Maar zoenen gaat mij nog te snel Al snap ik heus jouw kusdrang wel” Die Vlaamse mus, dat moet u weten, Was met een muskusrat aan ‘t daten
Een axolotl crawlde rond met schrijfgereedschap in z’n mond, dat bij een draai op grote diepte venijnig in z’n keelgat zwiepte. ‘Toen brak’, aldus de axolotl ‘het scherpe puntje van m’n potl.’
Te sterven in het gras onder een boom Terwijl de zon ten laatst ter kimme neigt En uit de grond een koele nevel stijgt Zo vredig, kalm en waardig - was mijn droom
Dus zocht ik waar ik gras en bomen zag Tot ik een plekje aan de bosrand vond Waar ik me op de groene ondergrond Zou kunnen vlijen op mijn laatste dag
De stormwind merkte ik niet op helaas Die donderwolken langs de hemel joeg Het halve bos als met een gesel sloeg En naar beneden kwam met wild geraas
'k Wist niet dat het zo traag en pijnlijk was Te sterven onder bomen in het gras
De buurvrouw at haar dochter als ontbijt Als lunch heeft zij haar echtgenoot bereid Daarna ging zij haar jongste zoon frituren Ik ben verhuisd, want ‘s avonds
Hij wreef erover met zijn rechterhand en startte ondertussen al met wensen: hij wilde rijker zijn dan alle mensen, omringd door niets dan goud en diamant.
Toch kreeg hij slechts een tientje, wat een sof dat Aladdin nu net een spaarlamp trof…
M'n An was na wat zoeken een kamertje gaan boeken, maar wil nu plots kamperen en vraagt me dus spontaan: hoe krijg ik 't ongedaan? Dit wil ik An nu leren.
Een jochie riep tot kleine Wil die op het schoolplein zat 'Wie heet er nou Alberti, wat een stomme naam is dat!' Wil stak de blaag in brand en had een grimas op zijn snuit De glimlach van een kind zag er nog nooit zo duivels uit
De redactie feliciteert Maarten met zijn winnende afbakvers. In de 77e editie was de opdracht het schrijven van een Little Willie. Op de pagina Versvormen vind je de volgende definitie: De Little Willie, populair in Angelsaksiche landen, is een in principe vierregelig versje. [...] Er wordt gewoonlijk een gruwelijke handeling in verricht door een gruwelijk kind, verteld op luchthartige toon, waar dan door omstanders laconiek of hooguit licht geïrriteerd op wordt gereageerd.
Een zilverrug verzucht te Heeten 'Zal men het dit jaar weer vergeten? Zelfs op Gorilladag geen feestje Ik blijk een onbeduidend beestje Tenzij je vecht met een Godzilla Dan ben je King, een topgorilla'
Gratis e-book Inge Boulonois t.g.v. haar geboortedag
Op 3 december 2024 overleed Inge Boulonois.
Kort voor haar overlijden kreeg ik op messsenger een berichtje van haar waarin zij me vroeg of we even via de telefoon konden spreken.
In dat gesprek vertelde ze dat ze ongeneeslijk ziek was en dat zij nog maar kort te leven had. Enkele zaken m.b.t. de voortgang op het Het vrije vers passeerden eveneens de revue. Zij vroeg mij of zij een PDF-document met een aantal gedichten van haar bij mij veilig kon stellen, om die later als E-book op Het vrije vers te zetten.
Het telefoongesprek werd abrupt onderbroken vanwege de deurbel en het bezoek van haar dochter.
Een dag later stuurde zij mij het beloofde PDF-document en verontschuldigde zij zich (volkomen onnodig natuurlijk) voor het feit dat zij ons telefoongesprek zo plotseling moest afbreken.
Het bericht van haar overlijden enkele dagen daarna kwam voor mij en voor velen met mij als een grote schok.
Het PDF-document met die gedichten waarvan dus een e-book diende te worden gemaakt bleef vervolgens door diverse oorzaken een tijdje liggen en ook het uiteindelijke klaarzetten als e-book bracht de nodige haken en ogen met zich mee. Uiteindelijk besloot de redactie te wachten met het publiceren totdat zich een geschikt moment zou aandienen.
En vandaag is dan dat moment aangebroken. Het stilstaan bij de geboortedag van Inge. Ze zou vandaag bij leven en welzijn exact 80 jaar zijn geworden.
Remko Koplamp
Uit het E-book hieronder het vers voor vandaag van Inge.
Een z.g. bout rimé. Een gedicht dat uitgaat van reeds bestaande rijmwoorden. In dit geval zijn het de rijmende woorden uit ‘De Dapperstraat’ van J.C. Bloem.
Aardappel
Die knol is voor tevredenen of legen!
Is er banaler voedsel in ons land?
Wie heeft die kost nou nooit op bord gekregen?
De meesten zijn die smaak allang ontstegen
Berichtte onlangs zelfs een ochtendkrant
De nasmaak lijkt vooral op kleiïg zand
Qua koolhydraten is het ook geen zegen
Er is zoveel gezonders onderhand
En tegen dikmakers zijn wij gekant
Dus ja, er is op aardappels véél tegen
Dit overdacht ik, lopend door mijn stad,
Domweg bezweken voor een zak patat
En via deze link – klink & klaar – is vervolgens voor een ieder het gratis e-book te lezen.
Geen trauma's van vroeger om vrij uit te putten Geen proppen papier door de kamer verspreid Geen wijnflessen slingerend op het tapijt Ik hoefde mijn duim nu eens niet te benutten
Niet urenlang frummelen, fronsen en frutten Niet zweten, niet zwoegen, geen eenzame strijd Ik heb niet gevast noch mezelf gekastijd Ik maakte niks mee om dit vers mee te stutten
Geen heilloos karwei met frustraties erbij Geen dagdromerij in een hut op de hei Ik tuurde niet stuurs naar het hemelgewelf
Hoe is dit ontstaan? Welke weg moest ik gaan? Waar kwamen spontaan al die woorden vandaan? Ach, soms zit het mee, dit sonnet schreef zichzelf
Een houtworm vroeg zijn pa te Petten: “Wanneer mag ik mijn klomp weer zetten? Ik hoop op heerlijke cadeautjes Als harsepein en peperschrootjes Maar vader sprak tot zoon: “Helaas, Het is nog lang geen Splinterklaas”