Nee, zelden hoorde ik zo'n rare prater Ik kom er maar niet door als suffe klant Zo lang sta ik al in die pauzestand Al weken lang leef ik op fruit en water
Mijn maag knort als een opgewonden zwijn Maar telkens hoor ik: "Blijft u aan de lijn"
Gisteren was het 106 jaar geleden dat Drs. P in het Zwitserse Thun werd geboren als Heinz Hermann Polzer. Het Zwitsers sonnet is een van de door hem bedachte versvormen.
Ze zweefden samen op het groen tapijt In onnavolgbaar sierlijke figuren Die zomeravonddans mocht uren duren Of zelfs tot aan het einde van de tijd
Ze wisselden geen woord en zelfs geen namen Bewogen slechts als door een draad geleid Een feest van elegante wendbaarheid Totdat ze neus aan neus tot stilstand kwamen
Toen kwamen ze dan toch nog aan de weet Dat hij zich Stihl noemt, zij Husqvarna heet
ze praten heel de dag, het kakelt maar ik vraag me af van waar de woorden komen en of ze echt de ander willen horen de stilte maakt hen angstig zonder meer
ze vinden die geslotene maar raar die rustig zit te werken of te dromen maar ondertussen vreest voor beide oren een groot verlangen naar de isoleer
het is een diep elkaar maar niet begrijpen een wonder dat ik toch vooruitgang boek ik hou me kranig tussen luid getok
ik zal nu gaan en in mijn handjes knijpen met meer ervaring naar iets nieuws op zoek ik vlieg nu uit, na twee jaar kippenhok
Volhard: slechts zo wordt nectarzoet verworven Door dolor et laborum zal men slagen Voor summum bonum uit des apis' korven Zal men de stimuli moeten verdragen
Het bovenstaande is een bombastisch rijm over een bekend spreekwoord, dat je vindt onder het plaatje
Gij zijt ertoe gebonden, mocht een roestbruintintig en listig carnivoor een homilie verkondigen betreffende Mattheüs, hoofdstuk zesentwintig, uw aandacht, pachter, voor uw pluimvee te vergrondigen.
Het bovenstaande is een bombastisch rijm over een bekend spreekwoord, dat je vindt onder het plaatje
Pinctada maakt een kostbaar kleinood van een korreltje siliciumoxide. Daar Sus domesticus hier niets mee kan geldt werpen richting hem als zeer stupide.
Het bovenstaande is een bombastisch rijm over een bekend spreekwoord, dat je vindt onder het plaatje
De krant laat zich vanmorgen niet ontvouwen Zij vindt het nieuws vandaag gewoon te erg: ‘Je moet mij heus in dezen maar vertrouwen Verhaal en beeld - het gaat door been en merg’
'Ik zie je morgen weer - verhalen zat! Dan lig ik met iets vrolijks op je mat'
De dwerg had een touw om zijn nek Hij hield van macabere grappen En fakete daar hoog aan het hek Voorgoed uit het leven te stappen
Het touw om de nek van de dwerg Was pikwerk uit een van de schappen Van Gamma uit Hillegersberg (Die bouwmarkt denkt na over stappen)
De nek van de dwerg met dat touw Dat mag ik bij deze verklappen Werd zwoel gemasseerd door de vrouw Waarmee hij die avond ging stappen
Remko Koplamp won met bovenstaande ‘Tripel’ de onlangs op het forum van Het vrije vers uitgeschreven afbakwedstrijd. Een van de belangrijkste kenmerken van de Tripel is het in de drie kwatrijnen terugkerende zelfde afsluitende rijmwoord met telkens een andere betekenis.
Een mosasaurus uit Maastricht Werd door zijn vrienden opgelicht Zijn geld, tot op de laatste cent Verdween zo in het sediment En door de lang verstreken tijd Staan zij nu bij hem in het Krijt
Ik ging naar Bommel om de brug te zien Heer Ollie was niet thuis of deed niet open Wel zag ik in de verte Joost nog lopen Een boodschapje bij Grootgrut doen misschien
Ik wist ineens niet waar ik me bevond Van Rommeldam dat hele roteind terug Wat had ik toch te zoeken bij die brug Ik twijfel zelfs of Nijhoff er ooit stond
Anita flirt met Jan en alleman Met, Gerard, Kurt, Maurice, en Amadeo Ignace, Andreas, Peter, Paul en Han Mathijs, Kornelis, Levi, Geert, Juan En Dennis, Ali, Claus, Janhein, Orfeo
Soms zoent ze openlijk met Thijs en Theo Of met Martijn, Mohammed, Sven en Twan Met Janus, Youri, Dieter, Willem, Cleo Servaas, Raymond, Sylvester, Sietse, Leo En met mijn broers Johannes, Stef en Stan
Mijn portie van haar gunstenspel is pover Van mij schrijft zij alleen maar huiswerk over
Mijn buurman had maar één intens verlangen: een warme avond met voldoende zon, zodat hij heerlijk barbecueën kon en met een ijskoud biertje rond kon hangen.
Zijn kolossale donkergroene ei kon alle soorten vis en vlees bereiden. Wie zó’n ding had, beleefde gouden tijden, is wat hij laatst beweerde tegen mij.
Toch is zo’n Big Green Egg niet wat ik wil. Ik vind het maar een dure modegrill.