wordshop
 
 
De schrale resten verf op het vermolmde raamkozijn
bedekken nors het moeie hout, er zit niks anders op.
De klingelbel klinkt blij verrast omdat een vingertop
de deurklink talmend heeft beroerd: dit moet een dichter zijn!
 
Een handgeschreven scheefgezakte plaat van bordkarton
vermeldt in gulle krullen inkt de aard van het bedrijf.
De letters “wij zijn open als u dicht” staan schuin, maar stijf
van vroegere voornaamheid, nog van vóór Napoleon.
 
De startende poëet vindt hier een ware woordenschat
waarbij een letterwaaier, schoon beduimeld, uitkomst biedt
wanneer wel een idee maar geen gedicht het hart ontschiet
en zelfgebouwde metaforen platter zijn dan plat.
 
Een aanbieding van krachtige clichés springt in het oog.
De populairste beeldspraak koop je in een envelop
met “blauwgetraand” en “vlindervrij” als absolute top.
De dure dubbelzinnigheid ligt achter glas. En hoog.
 
Een onopvallend kistje staat al jarenlang op slot
daarin rust in het rozenhout de Waarheid en zij lijdt
tot op een dag een dichter haar met poëzie bevrijdt
want met een sleutel gaat het niet. Die is allang kapot.
 
De wind giert in het laatje voor het landschap en het weer.
Een handbeschilderd schoteltje staat quasi nonchalant
met zoete fluisterwoordjes als presentje voor de klant
die tevergeefs naar rijm zoekt. Rijmen doet toch niemand meer.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

PARDON, zeiden de dames Groen



PARDON, zeiden de dames Groen, mejuffrouw van de boeken,
maakt u ons even wegwijs in dit grote biebgebouw?
Hier hangt een bordje JEUGD, terwijl wij juist BEJAARDEN zoeken.
Bedoelt u groteletterboeken? vroeg de biebjuffrouw.
 
De dames Groen verklaarden: Groot of klein is ons om ’t even.
Het is maar om te lezen, weet u. Dus dat zien we ruim.
Zolang ze maar door Hendrik Groen persoonlijk zijn geschreven.
Die oom van ons zuigt altijd al van alles uit z’n duim...
 
Nu is ie zogenaamd naar een verzorgingshuis vertrokken;
dat schrijft ie, maar hij woont gewoon nog thuis met tante Stien.
Zij zegt altijd: Met Hendrik om me heen word ik mesjokke,
laat hij maar fijn op zolder tikken op z’n tiepmasjien.
 
De biebjuffrouw zei: Jeminee, dus u bent echt zijn nichten?
De nichten van de welbekende schrijver Hendrik Groen?
U lijkt op hem, ik zie het nu opeens aan uw gezichten.
Vertel es, geeft u óók uw dagboek uit, na uw pensioen?
 
Nee nee, zeiden de dames Groen en glimlachten bescheiden.
Bij ons is alles waargebeurd, dus tja, dat blijft privé!
We lezen enkel af en toe iets voor aan ingewijden:
ons lieve schaap Veronica en onze dominee.
 
Ik snap het, zei de biebjuffrouw. Ik zal niet verder vragen...
Kijk, hiero staan de boeken van uw oom, met zijn portret.
Dat hij mag blijven tikken tot het einde zijner dagen!
De dames Groen die hadden vast hun hoedje opgezet.
 
De dominee en ’t schaap zaten te wachten in De Snoek
met oude klare, sjokomel en oudewijvenkoek.