Soms denk ik dat mijn eerste lief
-die plompverloren binnen dreef-
haar kroontjespen, die achterbleef
vergat toen ze haar stem verhief.

Die zomer lang, een nest gebouwd
in zand waar meeuwen om ons lachten.
Zij wisten wel van waterkrachten.
Het kerend tij was hen vertrouwd.

Soms denk ik aan die laatste dag
toen woorden dropen van de regen
en liefde stierf bij donderslag.

Hoe schielijk werd de wilde zee
teruggetrokken en verlegen.
Zij ebde weg van lieverlee.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De vrede van het stille land



De weide reikt tot aan de waterkant –
een weelderig tapijt van gras en kruid.
Het regent lichtjes en het zacht geluid
verdiept de vrede van het stille land.

Dan drijft de wind de wolken voor zich uit,
het licht doet met zijn kracht zijn woord gestand
en strooit met zonneschijn uit gulle hand –
het groen fleurt op, een witte kwikstaart fluit.

En ik sta aan het hek en mag ervaren
dat de natuur soms los lijkt van de tijd:
zij wil zich in het heden openbaren

in vormen die zij voor mijn oog bereidt.
Het zonlicht speelt op zachtgestemde snaren
en raakt mijn ziel met tegenwoordigheid.