kasplantje
 
Je ziet in het verpleeghuis vaak verdriet
Toch is er ook een glimlach om de mond
Wanneer ik even langskom met de hond
Het zijn vaak dieren waar men van geniet
 
Men aait en knuffelt hem of geeft een brokje
En is voor even zonder pijnlijk weten
Van alles wat ze liever niet vergeten.
De hete thee wordt lauw, men drinkt geen slokje
 
Ik zeg, er wacht nóg iemand hier op mij
Dag dames, heren, ik kom heel gauw weer
Mijn moeder, staan haar planten in een meer?
Ze wenkt wanhopig op de galerij
 
Geef mij je gieter maar, me lieve gunst
Die planten mam, zijn nep, ’t is plastic kunst!
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Reuzenschildpad Adwaita

           
                          Voor Johan Andreas Dèr Mouw  

Je lijkt op iemand, en ‘k weet niet op wie.
Soms lijkt het of je ’n halve aardkloot bent.
Op boomstronken sjouw jij een continent 
door India, in een menagerie. 

Adwaita is je naam, de schildpad die
de maharadja zelf nog heeft gekend:
tweehonderdvijftig jaar balancement
en stil bioscopeert mijn fantazie. 

Tenslotte stierf je. Men behield je schaal
en een koolstofmeting moet nu gaan bepalen:
was jij het oudste dier ter wereld toen?

Er rest een schild vol korstmossen en gras.
Maar een Brahmaan herrijst steeds uit zijn as.
Ja, één keer nog je leven overdoen.