Het was bij hem niet nodig om te gissen
Naar wat hij had bedoeld met een gedicht,
Je vroeg je ook niet af wat hij wellicht
Verstopt had achter woordbetekenissen.

Een metrum, rijm, voor velen hindernissen,
Zag hij juist als een doel, een soort van plicht.
Met vaste vorm hield hij zijn verzen licht
En wist zo onze blik vaak te verfrissen.

De dood, waar iedereen een keer voor zwicht,
Die over onze levens kan beslissen,
Heeft plotseling zijn blik op hem gericht.

Helaas, we zullen hem nu moeten missen
En ook die strik en zijn bebaard gezicht
Maar niet de poëzie van Driek van Wissen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Echt





Ze zijn zo anders. Hij dweept met zijn drumstel
en ramt verwoed hun woning tot een hel.
Zij houdt van stilte, landschapsschoon, zon, kust.
Heeft zij het naar haar zin: in hem raast onrust.

Bij hem moet alles haastig, terasnel,
nooit krijgt ze een fatsoenlijk voor- of naspel.
Zij hecht aan kaarslicht, knus en feeëriek,
hij vindt dat dom gefleem en noemt haar dweepziek.

Al passen ze volstrekt niet bij elkaar,
toch vormen ze al dertig jaar een echtpaar.
Door schrikkelrijm verwerd hun echt tot treurlied:
één baalt terwijl de ander juist geniet!