Een dichter laat de woorden dansen,
een dichter ziet wat jij niet ziet,
een dichter hoort in leed een lied
en ritme in gemiste kansen.

Een dichter proeft hoe klanken smaken,
een dichter is verslaafd aan taal,
het dichten is zijn diepste kwaal
en niemand kan hem beter maken.

Een dichter denkt in metaforen:
de liefde is een lome dans,
de dood een droom, een soort van trance,
een knipoog die je niet kunt horen

Een dichter lijkt zowat te zweven
hij kijkt met net die and’re blik
-daar zijn de mensen, hier ben ik-
hij leidt een iets intenser leven.


Dit is het inleidende gedicht uit de overmorgen te verschijnen bundel met lichte verzen Licht werk dat samen met Het leven van A tot Z zal verschijnen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Stootkop



je stoot je hoofd en nog een keer of tien
soms blijft het droog maar vaker kleur je rood
dan denk je, ach, ik ben nog lang niet dood
dat is aan al dat bloeden wel te zien

al knalt je kop soms loeihard tegen staal
je geeft geen krimp, je bent het wel gewend
en jankt en zeurt niet, bent een echte vent
verfoeit wel af en toe je rare kwaal

het komt nu eenmaal door die zwarte vlek
daar binnen in dat vreemde kale hoofd
een oud infarct, zo geef je het zijn plek

en is het weer een keertje stevig raak
dan zeg je maar: de Here zij geloofd
want vloeken, nee, dat is een slechte zaak