julesdeelder
Foto Wikimedia Commons
 
Hij was de burgemeester van de nacht
Van Rotterdam, de stad waar hij graag woonde
Waarvan hij in gedichten steeds weer toonde
De schoonheid en de tegendraadse kracht
 
Daarbij was zwart zijn favoriete dracht
Alsof hij elke dag zichzelf zo kloonde
En onberispelijk gekleed zich kroonde 
Tot fenomeen, uniek en hooggeacht 
 
Hij hield van jazz, van Sparta en van speed
Heeft proza en veel poëzie geschreven
En zong met rauwe stem soms zelfs een lied
 
Hij leidde eigenwijs zijn eigen leven
Maar angstig voor het einde was hij niet
Hij wist dat doodgaan helder licht zou geven 
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Uit de nalatenschap van Herman J. Claeys: Titelloos

Er woont een kip te Anderlecht
Die altijd bij een ander legt,
Zelf kan ze niet aan 't broeden gaan:
Ze reist te dikwijls naar Den Haan.