Jawel mijnheer, ik wil een republiek!
Iets wat ik deel met échte democraten
Weg met die halvegare koningskliek
Al die Oranje-Nassau-staatspiraten
Waarvan je nooit wist waar hun handen zaten:
Hun jachtlust gold de vrouwen en het zwijn
(Uit paarzucht, denk maar niet dat ze die aten)
Daarom mijnheer, ben ik republikein!

Je krijgt van heel die clan toch een koliek!
Neem Bernhard, ooit de trots van zijn soldaten
Als één woord hem niet paste is het ‘chic’
Hij heeft een stroom van bastaards nagelaten
En ook zijn graaizucht liep zó in de gaten
Dat ieder ander zwaar gestraft zou zijn:
Maar hij moest slechts in burger door de straten
Daarom mijnheer, ben ik republikein!

De hele bende is ook zwaar mystiek
De een staat zwevend met een boom te praten
De ander met een rare UFO-freak
Of met de vreemdste aardstraalkastfanaten
Je vraagt je af, zijn dit wel echt primaten
Je vindt iets met zo’n protoplasmabrein
Zelfs in geen berggehucht in de Karpaten
Daarom mijnheer, ben ik republikein!

O god, ik raak hiervan in alle staten!
Mijn bloed kookt woest van woede en venijn
Een goed excuus voor drank en opiaten:
Daarom mijnheer, ben ik republikein!


(Met dank aan Anton van Duinkerken)

 

 

 

 

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Liefdesverdriet



Als ik haar zie, voel ik een diep verlangen
ik neem haar op mijn schoot en streel haar flank
en platte buik, haar lange hals zo slank,
ik word door inspiratiestorm bevangen

Maar ach, in plaats van zinderende zangen
komt uit haar binnenste een kille klank
ze reageert met een getergd gejank
de schaamte stijgt me dan ook naar de wangen

Dan leg ik haar mistroostig in haar kist
ik heb gefaald! Ik wek haar niet tot leven
mijn onmacht valt me onvoorstelbaar zwaar

Het stemt me droef, hoewel ik al wel wist
dat wat ik met haar wil, ze niet kan geven
ze is en blijft tenslotte een gitaar