Mijn moeder bracht me net een kopje thee
Ze had er een biskwietje bijgedaan
Ik was verrast

Op zondag in de chambre séparée
Jawel; maar waarom werd ik nu spontaan
Hierop vergast?

De orde van de dingen was verstoord
Dat maakte mijn op rust gestelde brein
Wat van de wijs

Maar mijn protest werd in de kiem gesmoord:
‘Het is een feestdag en tractaties zijn
Hierbij een eis’

‘Wat is er feestelijk aan deze dag?’
Vroeg ik na een langdurig diep gepeins
'O lieve moe?'

‘Hier is een hint’, zo riep ze met een lach
En kneep toen met een vreemde scheve grijns
Haar ogen toe

Met vlakke hand sloeg ik mij voor mijn kop
Want deze hint begreep ik zeer terstond
En zei: ‘Ach, ja’

Ik at dus mijn biskwie met graagte op
En sprak, al had ik wel een droge mond:
‘Hiep hiep hoera’

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Voorlopige kennisgeving

Jolijn stond als een windhaan in het leven
Ze brak zich over elke scheet het hoofd,
Een zoekster die haar leven lang bleef zweven
En niemand haar vertrouwen dorst te geven

Hoe ik me ook voor haar heb uitgesloofd
Het jawoord heeft ze dertig jaar vermeden
Al waren wij een keer bijkans verloofd
Wat haar haast van haar zinnen heeft beroofd

Soms had zij liefst haar polsen doorgesneden
Ofschoon ze ook wel honderd jaar werd graag
Die kans hoort nu voorgoed tot het verleden
Want zij is domweg van de trap gegleden

Begraven of cremeren, is mijn vraag…
U hoort het morgen, of misschien vandaag



Frits Criens: 'Wat een toeval dat gedicht van Maarten Beemster. In mijn bundel die komend voorjaar bij de Contrabas verschijnt, staat een sonnet met nagenoeg dezelfde clou. De titel van de bundel wordt hoogstwaarschijnlijk: Zo’n plastuit lijkt mij ideaal. '