laarzen
Pixabay
 
Wat een rotweer is het buiten!
Ik ga nergens meer naar toe.
Regen klettert op de ruiten.
Zal ik de gordijnen sluiten?
Ik ben al die grauwheid moe.
 
Dag Opa, ik heb iets van mama gekregen:
twee lichtroze laarzen; ze zijn voor het kamp.
Ze hebben een week in de gangkast gelegen.
Nu mag ik ze aan doen, want nu is er regen
met heel grote plassen, waar ik hard in stamp.
 
Meisje, meisje, wat een mooie!
Opa wil ook wel zo’n paar.
Opa heeft nog ouwe rooie
die hij bijna weg wou gooien.
Wij gaan stampen met elkaar.

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Planeet der Waalven





Ver in’t heelal draait een planeet
Die de planeet der Waalven heet
De Waalf is een merkwaardig soort
Die tot het mensenras behoort

De Waalf is doorgaans zeer charmant
Maar heeft geen voor-en achterkant
‘Terug’ is Waalven onbekend
Hij gaat slechts heen, dat’s evident

Dat levert rust in het verkeer
Ze gaan slechts heen, en nimmer weer
Hun gang is traag, zo traag als stroop
Maar zonder heen- en- weergeloop

Hun vorst, dat is de Opperwaalf
Een jonge man nog, amper twintig of zoiets


(Hoewel dit gedicht niet meedong naar de wedstrijd op 'twaalf' te rijmen is hij toch te mooi om te laten liggen, red.)