Wie jaartallen in stukjes knipt ziet af en toe een wonder.
Dit jaar is het bijvoorbeeld vijfenveertig keer zichzelf.
Voor wie zich afvraagt: "Is zoiets nou werkelijk bijzonder?":
haast negentig jaar terug was het kwadraat van vier keer elf.
 
Negentien-zesendertig is nog vóór de oorlogsjaren.
Het aantal mensen dat er toen én nu was, is gering.
In eenentwintig-zestien kan men het opnieuw ervaren.
Wie dat nog mee zal maken is vandaag een zuigeling.
 
Zo’n jaartal vol bijzonderheden is toch onversmaadbaar,
dus koester twintig-vijfentwintig, koester het kwadraatjaar.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Trijntje fopschip

ks

 

Omtrent een plofkip

'Plofkip geplofd' zo kopte pas
het sufferdje van Dintelsas.
Een plofkip schreef daarop getroffen:
'Wie zou er niet van zo'n kop ploffen,
want zelfs de allerdomste plofkip
beheerst de regels van 't kofschip.'

Frits Criens


Een ooi had laatst in Overbiest
Tot schande in haar hok gepiest
Denk echter niet, zo sprak het fokschaap
Dat ik nog langer in dat hok slaap
Een ram sprak toen: als ik een schaap fok
doe ik dat niet in ’t vieze slaaphok

Bas Boekelo


'Ik word', sprak 't fokschaap zwaar gefnuikt,
'te vaak als ezelsbrug misbruikt.
Ook wil ik graag van 't kofschip af;
die nepschuit wordt nog eens mijn graf.
Wie zou mijn oormerk willen dragen?
Ik ga het aan de fakespecht vragen.'

Wim Meyles