wijzekat
 
’t Is niet uit hoogmoed dat ik heb gezwegen,
integendeel, ik had met je te doen
als mens met een wat schamel tijdrantsoen
die recht op slechts één leven had gekregen.
 
Ik heb je door de dagen zien bewegen:
van hordeloper over elk seizoen
tot trage dwaler tussen straks en toen
op zoek naar waar de finish was gelegen.
 
’t Is dankzij negen levens dat wij katten,
genietend van de ruim bemeten tijd,
een glimp ontvangen van de eeuwigheid
en ook een eeuw op waarde leren schatten.
 
Maar als ik het bestaan door negen deel
dan zeg ik zelfs met zwijgen nog te veel.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Tilburgeres (Tilburgs sonnet)



Passanten staar ik aan met matte blik
Al loop ik door dit grazig groene landschap
En voel ik met de Brabanders verwantschap
Toch tob ik vaak: waar bleef mijn ware ik

Ik sta hier lang te kauwen en herkauwen
En weet best dat ik nuttig ben als vee
(‘k Geef melk voor de consumptiemaatschappij)

Maar in mijn ziel voel ik geen pais en vree
Dit eng bestaan gaat me al meer benauwen
Het gras, het hek, de boer vaak onbehouwen

Ik leef toch niet alleen voor melkerij
Wat ik in wezen ben, telt hier niet mee
Als koe word ik geleefd, ik ben niet vrij

Ik ben niet vrij, passanten staar ik aan