Het is niet bronsgroen wat me zo bevalt

Die Euleteul, die Maes, die Christel Alken

Die Adelardus (waar je van gaat zwalken)

Die Grand Prestige en dat Venloosch alt

 

Die Imperator die zo lekker knalt

Christoffel en Romein die mij zo smaken

Die Bink en Wiekse die mij vrolijk maken

Kerkomse Triple waar je zo van lalt

 

Ik drink mijn Venloosch Wit liefst lekker kalt
Ik mag me graag aan Elfenbiertjes laven

Ik slurp mijn Korenwolf vol overgave

En Gladiator met de vuist gebald

 

Dat bronsgroen eiken, leuk voor in de tuin

Doe mij maar blond en amber, wit en bruin

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De held van Labbertong VII

De held van Labbertong VII

Agatha was gewoonweg op hem toegesprongen
Al leek zij vrij onwetend en behoorlijk groen
Toch lagen zij in korte tijd verwoed te tongen
Zou het zijn charme zijn geweest of toch zijn poen?

Ach nee, het waren vast en zeker Remko’s ogen
Twee hemelsblauwe meren, die zij had gespot
Waardoor zij zo onstuimig werd, zo opgetogen
En zich gewillig overgaf aan het genot

Niet lang daarna verloor de kloostermaagd haar eer
En sloeg zij heel devoot haar beide ogen neer
‘O Remko, lieveling, al ben je nog zo’n grote,

Ik heb er over nagedacht maar ik zeg stop
Ik geef het kloosterleven absoluut niet op
Laten we teruggaan naar ons beider groepsgenoten’


wordt vervolgd