Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Er liggen veertien regels op de loer.
Ik weet nog niet of zij een valstrik spannen,
misschien mij naar verlegenheid verbannen
om een gedicht dat slechts een woordensnoer

is, zonder inhoud of belang; droog voer,
terwijl in fijner schotels, ranker kannen
de poëzie verlokt tot proeven van een
geraffineerder maal (zoals de Cour

du Nord serveert, zegt Michelin). Ach wat...
wie weet gaat het wel andersom, zodat
de verzen niet proberen míj te vangen

maar dat ik hén verleid. Kom dichterbij,...
kom, luister naar mijn sprakeloos verlangen,
verzin een lied, ver-zin wat leeft in mij.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Jij en ik (pleiade)

De lange dagen van de zomerwende
de zoete nachten vol van maneschijn

De lange damesvinger die mij jende
de liefde was nog nooit zo puur en rein

De mooie ogen van de zo bekende
en zo beminde vrouw, mijn cherubijn

De liefde waaraan ik – een dromer – wende
bleek na een aantal weken puur venijn

Het was of blijheid uit mijn leven rende;
de zoete nachtegalenzang deed pijn

Ik voelde dode vlinders bij mijn lende
zoals gerechten vol van maden zijn

Ik had geloof gehecht aan een legende;
de ware liefde bleek slechts schone schijn